Avatar of Vocabulary Set Acteren

Vocabulaireverzameling Acteren in Bioscoop en Theater: Volledige en gedetailleerde lijst

De vocabulaireverzameling 'Acteren' in 'Bioscoop en Theater' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...

Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland

Nu leren

actor

/ˈæk.tɚ/

(noun) acteur

Voorbeeld:

He is a famous Hollywood actor.
Hij is een beroemde Hollywood acteur.

actress

/ˈæk.trəs/

(noun) actrice

Voorbeeld:

She is a famous actress known for her dramatic roles.
Zij is een beroemde actrice, bekend om haar dramatische rollen.

double

/ˈdʌb.əl/

(adjective) dubbel, tweevoudig, twee keer zoveel;

(verb) verdubbelen;

(adverb) dubbel, twee keer zoveel;

(noun) dubbele, tweehonkslag

Voorbeeld:

She ordered a double espresso.
Ze bestelde een dubbele espresso.

character actor

/ˈkær.ək.tər ˌæk.tər/

(noun) karakteracteur

Voorbeeld:

He's a well-known character actor, always playing the quirky sidekick.
Hij is een bekende karakteracteur, die altijd de eigenzinnige sidekick speelt.

leading man

/ˈliːdɪŋ mæn/

(noun) hoofdrolspeler, leading man

Voorbeeld:

He was cast as the leading man in the new romantic comedy.
Hij werd gecast als de hoofdrolspeler in de nieuwe romantische komedie.

leading lady

/ˈliːdɪŋ ˌleɪdi/

(noun) hoofdrolspeelster, leading lady

Voorbeeld:

She landed the role of the leading lady in the new Broadway musical.
Ze kreeg de rol van de hoofdrolspeelster in de nieuwe Broadway musical.

ham

/hæm/

(noun) ham, radioamateur, zendamateur;

(verb) overacteren, overdrijven

Voorbeeld:

We had roasted ham for Christmas dinner.
We hadden gebraden ham voor het kerstdiner.

lead

/liːd/

(noun) leiding, voorbeeld, voorsprong;

(verb) leiden, gidsen, aanvoeren

Voorbeeld:

She took the lead in organizing the event.
Zij nam de leiding bij het organiseren van het evenement.

supporting actor

/səˌpɔːr.t̬ɪŋ ˈæk.tɚ/

(noun) bijrolspeler, ondersteunende acteur

Voorbeeld:

He won an Oscar for Best Supporting Actor.
Hij won een Oscar voor Beste Mannelijke Bijrol.

voice actor

/ˈvɔɪs ˌæk.tər/

(noun) stemacteur, stemactrice

Voorbeeld:

The famous voice actor brought the cartoon character to life.
De beroemde stemacteur bracht het stripfiguur tot leven.

bit part

/ˈbɪt pɑːrt/

(noun) bijrol, figurantenrol

Voorbeeld:

She started her career with a bit part in a local play.
Ze begon haar carrière met een bijrol in een lokaal toneelstuk.

stand-in

/ˈstænd.ɪn/

(noun) stand-in, dubbelganger

Voorbeeld:

The actor had a stand-in for the dangerous car chase scene.
De acteur had een stand-in voor de gevaarlijke achtervolgingsscène.

star

/stɑːr/

(noun) ster, beroemdheid, sterfiguur;

(verb) de hoofdrol spelen, schitteren;

(adjective) uitstekend, uitmuntend

Voorbeeld:

The night sky was filled with twinkling stars.
De nachtelijke hemel was gevuld met fonkelende sterren.

starlet

/ˈstɑːr.lət/

(noun) sterretje, jonge actrice

Voorbeeld:

The young starlet graced the red carpet with her dazzling smile.
De jonge sterretje sierde de rode loper met haar oogverblindende glimlach.

tragedian

/trəˈdʒiː.di.ən/

(noun) tragedian, treurspeler, treurspeldichter

Voorbeeld:

He was a renowned tragedian, famous for his powerful portrayal of Hamlet.
Hij was een gerenommeerd tragedian, beroemd om zijn krachtige vertolking van Hamlet.

understudy

/ˈʌn.dɚˌstʌd.i/

(noun) understudy, dubbelrol;

(verb) understudyen, instuderen als understudy

Voorbeeld:

She was the understudy for the lead role in the Broadway show.
Zij was de understudy voor de hoofdrol in de Broadway-show.

walk-on

/ˈwɑːk.ɑːn/

(noun) figurantenrol, bijrol, walk-on;

(adjective) figuranten, bijrol

Voorbeeld:

She had a brief walk-on role in the new movie.
Ze had een korte figurantenrol in de nieuwe film.

cameo

/ˈkæm.i.oʊ/

(noun) camee, cameo, gastrol

Voorbeeld:

She wore a beautiful antique cameo brooch.
Ze droeg een prachtige antieke camee broche.

co-star

/ˈkoʊˌstɑːr/

(noun) co-ster, medespeler;

(verb) co-sterren, samen de hoofdrol spelen

Voorbeeld:

She played opposite her long-time friend as a co-star in the new movie.
Ze speelde tegenover haar oude vriend als co-ster in de nieuwe film.

extra

/ˈek.strə/

(adjective) extra, aanvullend;

(adverb) extra, buitengewoon;

(noun) extra, toeslag

Voorbeeld:

Do you need any extra help with your homework?
Heb je extra hulp nodig met je huiswerk?

part

/pɑːrt/

(noun) deel, stuk, rol;

(verb) scheiden, uiteengaan;

(adverb) deels, gedeeltelijk

Voorbeeld:

I only read the first part of the book.
Ik heb alleen het eerste deel van het boek gelezen.

role

/roʊl/

(noun) rol, functie

Voorbeeld:

She played the leading role in the new movie.
Ze speelde de hoofdrol in de nieuwe film.

title role

/ˈtaɪ.təl ˌroʊl/

(noun) titelrol

Voorbeeld:

She landed the title role in the new Broadway musical.
Ze kreeg de titelrol in de nieuwe Broadway musical.

villain

/ˈvɪl.ən/

(noun) schurk, slechterik, dader

Voorbeeld:

The superhero finally defeated the villain.
De superheld versloeg eindelijk de schurk.

line

/laɪn/

(noun) lijn, rij, wachtrij;

(verb) in de rij staan, bekleden, voeren

Voorbeeld:

Draw a straight line on the paper.
Trek een rechte lijn op het papier.

cue

/kjuː/

(noun) aanwijzing, signaal, keu;

(verb) een teken geven, aanwijzen

Voorbeeld:

The actor missed his cue to enter the stage.
De acteur miste zijn aanwijzing om het podium op te komen.

prompt

/prɑːmpt/

(adjective) snel, prompt, onmiddellijk;

(noun) aanzet, aanwijzing, prompt;

(verb) aanzetten, aanmoedigen, uitlokken

Voorbeeld:

She was prompt in her response to the email.
Ze was snel in haar reactie op de e-mail.

stage direction

/ˈsteɪdʒ dɪˌrek.ʃən/

(noun) toneelaanwijzing, regieaanwijzing

Voorbeeld:

The script included a stage direction for the actor to exit left.
Het script bevatte een toneelaanwijzing voor de acteur om links af te gaan.

casting

/ˈkæs.tɪŋ/

(noun) gieten, gietwerk, casting;

(verb) werpen, gooien

Voorbeeld:

The factory specializes in the casting of engine parts.
De fabriek is gespecialiseerd in het gieten van motoronderdelen.

screen test

/ˈskriːn test/

(noun) screentest, filmproef

Voorbeeld:

She did a screen test for the lead role.
Ze deed een screentest voor de hoofdrol.

act

/ækt/

(verb) handelen, doen, acteren;

(noun) daad, handeling, wet

Voorbeeld:

It's time to act.
Het is tijd om te handelen.

baddy

/ˈbæd.i/

(noun) slechterik, booswicht

Voorbeeld:

In the movie, the baddy always wears a black hat.
In de film draagt de slechterik altijd een zwarte hoed.

aside

/əˈsaɪd/

(adverb) opzij, terzijde, apart;

(noun) terzijde, aparté

Voorbeeld:

He stepped aside to let her pass.
Hij stapte opzij om haar te laten passeren.

protagonist

/prəˈtæɡ.ən.ɪst/

(noun) protagonist, hoofdpersoon, voorstander

Voorbeeld:

The young wizard is the protagonist of the fantasy series.
De jonge tovenaar is de protagonist van de fantasyserie.

dialogue

/ˈdaɪ.ə.lɑːɡ/

(noun) dialoog, gesprek, overleg;

(verb) dialogeren, overleggen

Voorbeeld:

The movie had excellent dialogue, making the characters feel real.
De film had uitstekende dialoog, waardoor de personages echt aanvoelden.

exit

/ˈek.sɪt/

(noun) uitgang, uitrit, vertrek;

(verb) verlaten, uitgaan

Voorbeeld:

Please use the nearest exit in case of emergency.
Gebruik alstublieft de dichtstbijzijnde uitgang in geval van nood.

goody

/ˈɡʊd.i/

(noun) lekkernij, traktatie, braverik

Voorbeeld:

The children eagerly reached for the goodies in the treat bag.
De kinderen reikten gretig naar de lekkernijen in de traktatiezak.

hero

/ˈhɪr.oʊ/

(noun) held, hoofdpersoon

Voorbeeld:

He was hailed as a hero for saving the child from the burning building.
Hij werd als een held onthaald omdat hij het kind uit het brandende gebouw had gered.

heroine

/ˈher.oʊ.ɪn/

(noun) heldin, hoofdrolspeelster

Voorbeeld:

She was hailed as a national heroine for her bravery.
Ze werd geprezen als een nationale heldin voor haar moed.

soliloquy

/səˈlɪl.ə.kwi/

(noun) monoloog, alleenspraak

Voorbeeld:

Hamlet's famous 'To be or not to be' is a classic example of a soliloquy.
Hamlets beroemde 'To be or not to be' is een klassiek voorbeeld van een monoloog.

superhero

/ˈsuː.pɚˌhɪr.oʊ/

(noun) superheld

Voorbeeld:

Superman is a classic example of a superhero.
Superman is een klassiek voorbeeld van een superheld.

character

/ˈker.ək.tɚ/

(noun) karakter, aard, personage

Voorbeeld:

He has a strong character.
Hij heeft een sterk karakter.

actor-manager

/ˈæk.tər.mæn.ɪ.dʒər/

(noun) acteur-manager

Voorbeeld:

Sir Henry Irving was a famous actor-manager of the Victorian era.
Sir Henry Irving was een beroemde acteur-manager uit het Victoriaanse tijdperk.

cast

/kæst/

(verb) werpen, gooien, uitbrengen;

(noun) cast, rolbezetting, gietstuk

Voorbeeld:

He cast his fishing line into the lake.
Hij wierp zijn vislijn in het meer.

matinee idol

/ˌmæt.ɪˈneɪ ˌaɪ.dəl/

(noun) matinee-idool, filmster

Voorbeeld:

Rudolph Valentino was a famous matinee idol of the silent film era.
Rudolph Valentino was een beroemde matinee-idool uit het stomme filmtijdperk.

movie star

/ˈmuːvi stɑːr/

(noun) filmster

Voorbeeld:

She dreamed of becoming a famous movie star.
Ze droomde ervan een beroemde filmster te worden.

player

/ˈpleɪ.ɚ/

(noun) speler, afspeelapparaat, muzikant

Voorbeeld:

He is a key player on the basketball team.
Hij is een belangrijke speler in het basketbalteam.

stuntman

/ˈstʌnt.mæn/

(noun) stuntman, stuntvrouw

Voorbeeld:

The actor used a stuntman for the car chase scene.
De acteur gebruikte een stuntman voor de auto-achtervolgingsscène.

stuntwoman

/ˈstʌntˌwʊmən/

(noun) stuntvrouw

Voorbeeld:

The actress's dangerous fall was performed by a professional stuntwoman.
De gevaarlijke val van de actrice werd uitgevoerd door een professionele stuntvrouw.

trouper

/ˈtruː.pɚ/

(noun) acteur, lid van een theatergezelschap, doorzetter

Voorbeeld:

The old trouper still remembered every line of the play.
De oude acteur herinnerde zich nog elke zin van het toneelstuk.

press agent

/ˈpres ˌeɪ.dʒənt/

(noun) persagent, publiciteitsagent

Voorbeeld:

The celebrity hired a new press agent to manage her public image.
De beroemdheid huurde een nieuwe persagent in om haar publieke imago te beheren.

monologue

/ˈmɑː.nə.lɑːɡ/

(noun) monoloog, alleenspraak, langdradige toespraak

Voorbeeld:

The actor delivered a powerful monologue that captivated the audience.
De acteur leverde een krachtige monoloog die het publiek boeide.

ad lib

/ˌæd ˈlɪb/

(verb) ad libben, improviseren;

(noun) ad lib, improvisatie;

(adverb) ad lib, geïmproviseerd

Voorbeeld:

The comedian had to ad lib when his script was lost.
De komiek moest ad libben toen zijn script verloren was.

characterization

/ˌker.ək.tə.rəˈzeɪ.ʃən/

(noun) karakterisering, typering, beschrijving

Voorbeeld:

The author's characterization of the protagonist was very detailed.
De karakterisering van de hoofdpersoon door de auteur was zeer gedetailleerd.
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland