Vocabulaireverzameling Kapsels in Uiterlijk: Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling 'Kapsels' in 'Uiterlijk' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren(noun) Franse vlecht
Voorbeeld:
(noun) Franse twist, Franse rol
Voorbeeld:
(noun) pony, franje, kwastje;
(verb) franjeren, afzetten;
(adjective) marginaal, alternatief, onconventioneel
Voorbeeld:
(noun) bob, bobkapsel, dobber;
(verb) wippen, knikken, duiken
Voorbeeld:
(noun) vlecht;
(verb) vlechten
Voorbeeld:
(verb) verfrommelen, kreukelen, knarsen;
(noun) gekraak, geknars
Voorbeeld:
(verb) benadrukken, markeren, accentueren;
(noun) hoogtepunt, topmoment
Voorbeeld:
(verb) vegen, buigen, bestrijken;
(noun) veeg, veegbeurt, bocht
Voorbeeld:
(verb) plagen, tergen, touperen;
(noun) plaaggeest, terger
Voorbeeld:
(noun) tint, kleurschakering, haarkleuring;
(verb) tinten, kleuren
Voorbeeld:
(verb) woelen, verward maken
Voorbeeld:
(noun) golf, zwaai, gebaar;
(verb) zwaaien, wenken, wapperen
Voorbeeld:
(noun) knot, haarknot, kuif
Voorbeeld:
(noun) afro
Voorbeeld:
(noun) knoop, noest, kwast;
(verb) knopen, vastknopen
Voorbeeld:
(noun) broodje, bol, knot
Voorbeeld:
(noun) laag;
(verb) in lagen leggen, stapelen
Voorbeeld:
(noun) knal, slag, klap;
(verb) slaan, botsen;
(adverb) precies, recht
Voorbeeld:
(adjective) bobkapsel, bob;
(verb) deinen, wippen
Voorbeeld:
(plural noun) cornrows, vlechten
Voorbeeld:
(noun) gewas, oogst, kort kapsel;
(verb) snoeien, verbouwen, knippen
Voorbeeld:
(noun) wet look, natte look
Voorbeeld:
(verb) onderbieden, ondergraven, ondermijnen;
(noun) undercut, opgeschoren kapsel
Voorbeeld:
(noun) Mohawk, hanenkam, mohawk
Voorbeeld:
(noun) buzz cut, gemillimeterd haar
Voorbeeld:
(adjective) kortgeknipt, kortgeschoren
Voorbeeld:
(noun) crew cut, borstelkop
Voorbeeld:
(noun) kuif
Voorbeeld:
(noun) bijenkorf, bijenkorfkapsel
Voorbeeld:
(adjective) bouffant, opgeblazen;
(noun) bouffant, opgeblazen kapsel
Voorbeeld:
(noun) chignon, knot
Voorbeeld:
(noun) harder, matje
Voorbeeld:
(noun) permanent;
(verb) permanenten
Voorbeeld:
(noun) vlecht, paardenstaart, pigtail tabak
Voorbeeld:
(noun) tonsure, kruinschering;
(verb) tonsureren, kruinschering toepassen
Voorbeeld:
(noun) puddingvorm, puddingkom
Voorbeeld:
(noun) page, hotelbediende, pagekapsel
Voorbeeld:
(noun) vlecht;
(verb) vlechten
Voorbeeld:
(noun) paardenstaart
Voorbeeld:
(noun) bos, tros, boel;
(verb) plooien, ballen, samentrekken
Voorbeeld:
(adjective) punky, punkachtig
Voorbeeld: