Avatar of Vocabulary Set Interactie

Vocabulaireverzameling Interactie in SAT-woordenschat gerelateerd aan de geesteswetenschappen: Volledige en gedetailleerde lijst

De vocabulaireverzameling 'Interactie' in 'SAT-woordenschat gerelateerd aan de geesteswetenschappen' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...

Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland

Nu leren

bargain

/ˈbɑːr.ɡɪn/

(noun) koopje, aanbieding, overeenkomst;

(verb) onderhandelen, afdingen

Voorbeeld:

The new car was a real bargain at that price.
De nieuwe auto was een echt koopje voor die prijs.

dispute

/dɪˈspjuːt/

(noun) geschil, ruzie, discussie;

(verb) betwisten, disputeren, ruzie maken

Voorbeeld:

The border dispute between the two countries escalated.
Het grensgeschil tussen de twee landen escaleerde.

demand

/dɪˈmænd/

(noun) eis, vraag, behoefte;

(verb) eisen, verlangen, vereisen

Voorbeeld:

The workers made a demand for higher wages.
De arbeiders stelden een eis voor hogere lonen.

reproach

/rɪˈproʊtʃ/

(verb) verwijten, berispen;

(noun) verwijt, berisping

Voorbeeld:

She reproached him for his lack of punctuality.
Ze verweet hem zijn gebrek aan stiptheid.

convince

/kənˈvɪns/

(verb) overtuigen

Voorbeeld:

I hope this will convince you to change your mind.
Ik hoop dat dit je zal overtuigen om van gedachten te veranderen.

network

/ˈnet.wɝːk/

(noun) netwerk, web, groep;

(verb) netwerken, verbinden

Voorbeeld:

The city has a complex network of roads.
De stad heeft een complex netwerk van wegen.

associate

/əˈsoʊ.ʃi.eɪt/

(verb) associëren, verbinden, zich aansluiten bij;

(noun) partner, collega;

(adjective) geassocieerd, adjunct

Voorbeeld:

Most people associate the name 'Coca-Cola' with a popular soft drink.
De meeste mensen associëren de naam 'Coca-Cola' met een populaire frisdrank.

transmit

/trænsˈmɪt/

(verb) overdragen, verzenden, uitzenden

Voorbeeld:

The disease can be transmitted through contaminated water.
De ziekte kan worden overgedragen via besmet water.

confer

/kənˈfɝː/

(verb) verlenen, toekennen, overleggen

Voorbeeld:

The university will confer an honorary degree upon the visiting dignitary.
De universiteit zal een eredoctoraat verlenen aan de bezoekende hoogwaardigheidsbekleder.

inform

/ɪnˈfɔːrm/

(verb) informeren, op de hoogte stellen, vormgeven

Voorbeeld:

Please inform me of any changes.
Gelieve mij op de hoogte te stellen van eventuele wijzigingen.

recount

/rɪˈkaʊnt/

(verb) vertellen, verhalen;

(noun) hertelling, nieuwe telling

Voorbeeld:

She recounted her adventures in the Amazon.
Ze vertelde over haar avonturen in de Amazone.

prescribe

/prɪˈskraɪb/

(verb) voorschrijven, bepalen

Voorbeeld:

The doctor prescribed antibiotics for her infection.
De dokter schreef antibiotica voor haar infectie voor.

address

/ˈæd.res/

(noun) adres, toespraak, rede;

(verb) toespreken, aanpakken, adresseren

Voorbeeld:

Please write your name and address on the form.
Schrijf alstublieft uw naam en adres op het formulier.

converse

/ˈkɑːn.vɝːs/

(verb) praten, converseren;

(noun) omgekeerde, tegenovergestelde;

(adjective) omgekeerd, tegenovergesteld

Voorbeeld:

They spent hours conversing about their travels.
Ze brachten uren door met praten over hun reizen.

enlighten

/ɪnˈlaɪ.t̬ən/

(verb) verlichten, inlichten, ophelderen

Voorbeeld:

Could you please enlighten me on the new company policy?
Kunt u mij alstublieft inlichten over het nieuwe bedrijfsbeleid?

protest

/ˈproʊ.test/

(noun) protest, bezwaar;

(verb) protesteren, bezwaar maken

Voorbeeld:

The students organized a protest against the tuition hike.
De studenten organiseerden een protest tegen de verhoging van het collegegeld.

plead

/pliːd/

(verb) smeken, pleiten, verdedigen

Voorbeeld:

She pleaded with him to stay.
Ze smeekte hem te blijven.

propose

/prəˈpoʊz/

(verb) voorstellen, opperen, ten huwelijk vragen

Voorbeeld:

He proposed a new strategy for the company.
Hij stelde een nieuwe strategie voor het bedrijf voor.

notify

/ˈnoʊ.t̬ə.faɪ/

(verb) informeren, op de hoogte stellen, melden

Voorbeeld:

Please notify us if you change your address.
Gelieve ons te informeren als u uw adres wijzigt.

cajole

/kəˈdʒoʊl/

(verb) overhalen, lokken, paaien

Voorbeeld:

He hoped to cajole her into selling the house.
Hij hoopte haar te overhalen om het huis te verkopen.

supplicate

/ˈsʌp.lɪ.keɪt/

(verb) smeken, smeekbede doen

Voorbeeld:

The people supplicated the king for mercy.
Het volk smeekte de koning om genade.

recommend

/ˌrek.əˈmend/

(verb) aanbevelen, adviseren

Voorbeeld:

I can highly recommend this book.
Ik kan dit boek ten zeerste aanbevelen.

caution

/ˈkɑː.ʃən/

(noun) voorzichtigheid, waarschuwing, vermaning;

(verb) waarschuwen, vermanen

Voorbeeld:

Exercise caution when driving in icy conditions.
Wees voorzichtig bij het rijden in ijzige omstandigheden.

hint

/hɪnt/

(noun) hint, aanwijzing, suggestie;

(verb) hinten, suggereren, aanduiden

Voorbeeld:

She dropped a hint about what she wanted for her birthday.
Ze liet een hint vallen over wat ze wilde voor haar verjaardag.

clamor

/ˈklæm.ɚ/

(noun) rumoer, lawaai, geschreeuw;

(verb) schreeuwen, lawaai maken, roepen

Voorbeeld:

The clamor of the crowd grew louder as the band took the stage.
Het rumoer van de menigte werd luider toen de band het podium betrad.

relay

/ˌrɪˈleɪ/

(noun) estafette, ploeg, aflossing;

(verb) doorgeven, overbrengen, doorsturen

Voorbeeld:

The workers operated in relays to ensure continuous production.
De arbeiders werkten in ploegen om continue productie te garanderen.

quarrel

/ˈkwɔːr.əl/

(noun) ruzie, geschil;

(verb) ruziën, twisten

Voorbeeld:

They had a bitter quarrel over money.
Ze hadden een bittere ruzie over geld.

plea

/pliː/

(noun) pleidooi, oproep, verklaring

Voorbeeld:

He made a desperate plea for help.
Hij deed een wanhopig pleidooi voor hulp.

inquiry

/ˈɪŋ.kwɚ.i/

(noun) aanvraag, vraag, onderzoek

Voorbeeld:

I made an inquiry about the job vacancy.
Ik deed een aanvraag over de vacature.

correspondence

/ˌkɔːr.əˈspɑːn.dəns/

(noun) correspondentie, briefwisseling, overeenkomst

Voorbeeld:

She handles all the company's correspondence.
Zij behandelt alle correspondentie van het bedrijf.

intercourse

/ˈɪn.t̬ɚ.kɔːrs/

(noun) gemeenschap, coïtus, uitwisseling

Voorbeeld:

They engaged in sexual intercourse.
Ze hadden seksuele gemeenschap.

behest

/bɪˈhest/

(noun) bevel, verzoek, geheet

Voorbeeld:

The budget was tightened at the behest of the board of directors.
Het budget werd krapper gemaakt op verzoek van de raad van bestuur.

petition

/pəˈtɪʃ.ən/

(noun) petitie, verzoekschrift;

(verb) verzoeken, een petitie indienen

Voorbeeld:

They collected signatures for a petition to save the local park.
Ze verzamelden handtekeningen voor een petitie om het plaatselijke park te redden.

pleasantry

/ˈplez.ən.tri/

(noun) beleefdheid, vriendelijkheid

Voorbeeld:

After exchanging a few pleasantries, they got down to business.
Na wat beleefdheden te hebben uitgewisseld, gingen ze over tot de orde van de dag.

telecommunication

/ˌtel.ɪ.kə.mjuː.nɪˈkeɪ.ʃən/

(noun) telecommunicatie

Voorbeeld:

The company specializes in advanced telecommunication systems.
Het bedrijf is gespecialiseerd in geavanceerde telecommunicatiesystemen.

admission

/ədˈmɪʃ.ən/

(noun) toegang, toelating, bekentenis

Voorbeeld:

Admission to the museum is free on Tuesdays.
Toegang tot het museum is gratis op dinsdag.

banter

/ˈbæn.tɚ/

(noun) plagerij, gekscheer, gein;

(verb) plagen, gekscheeren, grappen maken

Voorbeeld:

The friends engaged in light-hearted banter throughout the evening.
De vrienden hielden zich de hele avond bezig met luchtige plagerijen.

admonition

/ˌæd.məˈnɪʃ.ən/

(noun) waarschuwing, vermaning, berisping

Voorbeeld:

The teacher gave the student an admonition for talking during the lecture.
De leraar gaf de leerling een waarschuwing voor het praten tijdens de les.
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland