Vocabulaireverzameling B1 - Gezondheid en Ziekte in Niveau B1: Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling 'B1 - Gezondheid en Ziekte' in 'Niveau B1' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren(noun) gezondheidszorg
Voorbeeld:
(noun) welzijn, welvaart, uitkering
Voorbeeld:
(noun) geneeskunde, medicijn, geneesmiddel
Voorbeeld:
(adjective) medisch;
(noun) medische keuring, medisch onderzoek
Voorbeeld:
(adjective) zeker, positief, duidelijk;
(noun) positief, dia
Voorbeeld:
(adjective) negatief, ontkennend, schadelijk;
(noun) negatief, ontkenning
Voorbeeld:
(noun) medicijn, geneesmiddel, drugs;
(verb) drogeren, verdoven
Voorbeeld:
(noun) aspirine
Voorbeeld:
(noun) antibioticum;
(adjective) antibiotisch
Voorbeeld:
(noun) capsule, ruimtevaartuig, samenvatting;
(verb) samenvatten, inkapselen
Voorbeeld:
(noun) EHBO-doos, verbanddoos
Voorbeeld:
(noun) verband, zwachtel;
(verb) verbanden, zwachtelen
Voorbeeld:
(trademark) pleister, verband, lapmiddel
Voorbeeld:
(noun) schot, afvuren, poging;
(past tense) schoot, opgenomen;
(past participle) schoot, opgenomen
Voorbeeld:
(verb) bloeden, ontluchten, aftappen;
(noun) bloeding
Voorbeeld:
(verb) lijden, ondergaan, lijden aan
Voorbeeld:
(adjective) pijnlijk, kwetsend
Voorbeeld:
(noun) controle, medische controle, inspectie
Voorbeeld:
(noun) onderzoek, inspectie, studie
Voorbeeld:
(noun) test, proef, toets;
(verb) testen, uitproberen, op de proef stellen
Voorbeeld:
(noun) operatie, ingreep, werking
Voorbeeld:
(verb) bedienen, exploiteren, werken
Voorbeeld:
(verb) behandelen, verwerken, traktatie geven;
(noun) traktatie, verwennerij, rondje
Voorbeeld:
(noun) behandeling, omgang, therapie
Voorbeeld:
(noun) geneesmiddel, kuur;
(verb) genezen, helen, conserveren
Voorbeeld:
(verb) genezen, helen
Voorbeeld:
(adjective) mentaal, geestelijk, geestelijk ziek;
(noun) geestelijk zieke, patiënt met psychische aandoening
Voorbeeld:
(verb) verspreiden, uitbreiden, uitspreiden;
(noun) verspreiding, uitbreiding, broodbeleg
Voorbeeld:
(noun) symptoom, ziekteverschijnsel, teken
Voorbeeld:
(verb) herstellen, bijkomen, terugvinden
Voorbeeld:
(noun) herstel, genezing, terugvordering
Voorbeeld:
(noun) recept, doktersvoorschrift, voorschrijven
Voorbeeld:
(noun) zorg, verzorging, zorgvuldigheid;
(verb) zich bekommeren om, geven om, zorgen voor
Voorbeeld:
(phrasal verb) zorgen voor, verzorgen, houden van
Voorbeeld:
(noun) eerste hulp
Voorbeeld:
(verb) wegen, afwegen, beoordelen
Voorbeeld: