Vocabulaireverzameling Oxford 5000 - B2 - Letter S in Oxford 5000 - B2: Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling 'Oxford 5000 - B2 - Letter S' in 'Oxford 5000 - B2' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren(noun) tevredenheid, voldoening, vervulling
Voorbeeld:
(noun) schandaal, rel, schande
Voorbeeld:
(verb) schrikken, bang maken;
(noun) schrik, angst
Voorbeeld:
(noun) scenario, plot, situatie
Voorbeeld:
(noun) geleerde, wetenschapper, beursstudent
Voorbeeld:
(noun) wetenschap, geleerdheid, beurs
Voorbeeld:
(noun) kras, schram, start;
(verb) krassen, schrammen, krabben
Voorbeeld:
(noun) vertoning, screening, onderzoek
Voorbeeld:
(noun) zoeker
Voorbeeld:
(noun) seminar, studiebijeenkomst, werkgroep
Voorbeeld:
(noun) kolonist, pionier
Voorbeeld:
(adverb) ernstig, hevig, streng
Voorbeeld:
(adjective) sexy, verleidelijk, aantrekkelijk
Voorbeeld:
(adjective) gevormd, vormig;
(past participle) gevormd, vormgegeven
Voorbeeld:
(adjective) schokkend, verbijsterend
Voorbeeld:
(noun) oever, kust;
(verb) stutten, ondersteunen
Voorbeeld:
(noun) tekort, gebrek
Voorbeeld:
(adverb) binnenkort, spoedig, kortaf
Voorbeeld:
(adjective) kortetermijn, kortstondig
Voorbeeld:
(noun) broer of zus, broers en zussen
Voorbeeld:
(noun) handtekening, kenmerk, handelsmerk
Voorbeeld:
(noun) betekenis, belang, strekking
Voorbeeld:
(adjective) bekwaam, geschoold
Voorbeeld:
(noun) schedel;
(verb) slaan, op het hoofd slaan
Voorbeeld:
(noun) slogan, leus
Voorbeeld:
(adjective) zogenaamd
Voorbeeld:
(adverb) op de een of andere manier, hoe dan ook, om de een of andere reden
Voorbeeld:
(adverb) ergens, ooit;
(adjective) voormalig, gewezen
Voorbeeld:
(adjective) verfijnd, gesofisticeerd, geavanceerd
Voorbeeld:
(adjective) reserve, extra, mager;
(verb) missen, ontberen, sparen;
(noun) reserveonderdeel, reservewiel
Voorbeeld:
(verb) specialiseren, zich toeleggen op
Voorbeeld:
(verb) specificeren, preciseren
Voorbeeld:
(adjective) spectaculair, indrukwekkend, groots
Voorbeeld:
(noun) toeschouwer, kijker
Voorbeeld:
(verb) speculeren, veronderstellen, beleggen met risico
Voorbeeld:
(noun) speculatie, vermoeden, risicovolle belegging
Voorbeeld:
(noun) kruid, specerij, pit;
(verb) kruiden, op smaak brengen, opvrolijken
Voorbeeld:
(verb) morsen, verspillen, uitwerpen;
(noun) morsen, vlek, val
Voorbeeld:
(noun) wraakzucht, wrok, kwaadwilligheid;
(verb) pesten, kwellen, ergeren
Voorbeeld:
(verb) bederven, verpesten, verwennen;
(noun) buit, roof
Voorbeeld:
(noun) woordvoerder
Voorbeeld:
(noun) woordvoerder
Voorbeeld:
(noun) woordvoerster
Voorbeeld:
(noun) sponsoring, steun
Voorbeeld:
(adjective) sportief, fair;
(noun) sporten, sportbeoefening
Voorbeeld:
(noun) kraam, stand, stal;
(verb) stoppen, vertragen, haperen
Voorbeeld:
(noun) houding, stand, standpunt
Voorbeeld:
(verb) verhongeren, honger lijden, erg hongerig zijn
Voorbeeld:
(adverb) gestaag, constant, stabiel
Voorbeeld:
(noun) stoom, stoomkracht, stoomenergie;
(verb) stomen, voortbewegen met stoom, woedend zijn
Voorbeeld:
(verb) stimuleren, aansporen, bevorderen
Voorbeeld:
(verb) versterken, aansterken
Voorbeeld:
(adverb) strikt, streng, uitsluitend
Voorbeeld:
(noun) slag, streek, beroerte;
(verb) aaien, strelen, slaan
Voorbeeld:
(adjective) verbluffend, adembenemend, prachtig
Voorbeeld:
(adjective) daaropvolgend, volgend
Voorbeeld:
(adverb) vervolgens, daarna
Voorbeeld:
(noun) buitenwijk, voorstad
Voorbeeld:
(noun) lijden, pijn, ellende;
(verb) lijdend, ondergaand
Voorbeeld:
(adjective) voldoende, genoeg
Voorbeeld:
(adverb) voldoende, genoeg
Voorbeeld:
(adjective) super, geweldig;
(adverb) super, extreem;
(prefix) boven, over, voorbij
Voorbeeld:
(noun) chirurg
Voorbeeld:
(noun) overleving, voortbestaan
Voorbeeld:
(noun) overlevende, overlever, overblijfsel
Voorbeeld:
(verb) opschorten, schorsen, ophangen
Voorbeeld:
(adjective) duurzaam, houdbaar, milieuvriendelijk
Voorbeeld:
(verb) slikken, doorslikken, accepteren;
(noun) zwaluw, slik, doorslikken
Voorbeeld:
(adjective) meelevend, begripvol, sympathiek
Voorbeeld: