Vocabulaireverzameling Telefoons en Telefoondiensten 1 in Communicatie: Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling 'Telefoons en Telefoondiensten 1' in 'Communicatie' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren(noun) netnummer
Voorbeeld:
(noun) batterij, accu, mishandeling
Voorbeeld:
(noun) piep, toeter;
(verb) piepen, toeteren
Voorbeeld:
(adjective) druk, bezig, bezet;
(verb) bezig houden, occuperen
Voorbeeld:
(verb) roepen, schreeuwen, bellen;
(noun) bezoek, oproep, telefoontje
Voorbeeld:
(noun) terugbelactie, terugroep, tweede auditie
Voorbeeld:
(noun) beller, roeper, uitroeper
Voorbeeld:
(noun) nummerweergave, beller-ID
Voorbeeld:
(noun) oproep in wacht, wachtstand
Voorbeeld:
(noun) hulplijn, zorglijn
Voorbeeld:
(adjective) cellulair, mobiel
Voorbeeld:
(noun) cold-calling, koude acquisitie;
(verb) cold-calling, koude acquisitie
Voorbeeld:
(noun) telefonische vergadering, conference call
Voorbeeld:
(noun) contact, aanraking, contactpersoon;
(verb) contact opnemen met, bereiken, aanraken
Voorbeeld:
(noun) beleefdheidsbezoek, beleefdheidsoproep
Voorbeeld:
(noun) wijzerplaat, draaiknop;
(verb) kiezen, bellen, instellen
Voorbeeld:
(noun) direct kiezen, rechtstreeks bellen
Voorbeeld:
(noun) direct marketing
Voorbeeld:
(noun) gids, telefoongids, adresboek
Voorbeeld:
(noun) nummerinformatie, telefooninlichtingendienst
Voorbeeld:
(verb) ontkoppelen, loskoppelen, vervreemden;
(noun) onderbreking, kloof
Voorbeeld:
(noun) em (typografische eenheid)
Voorbeeld:
(adjective) betrokken, bezig, verloofd
Voorbeeld:
(noun) fax, faxapparaat;
(verb) faxen
Voorbeeld:
(adjective) vaste lijn, vast net
Voorbeeld:
(noun) hulplijn, telefoonlijn
Voorbeeld:
(verb) vasthouden, dragen, tegenhouden;
(noun) greep, houvast, wacht
Voorbeeld:
(noun) hotline, hulplijn
Voorbeeld:
(noun) vaste lijn, vaste telefoon
Voorbeeld:
(noun) lijn, rij, wachtrij;
(verb) in de rij staan, bekleden, voeren
Voorbeeld:
(noun) lokaal gesprek, plaatselijk gesprek
Voorbeeld:
(verb) verkeerd kiezen, verkeerd bellen;
(noun) verkeerde oproep, verkeerd nummer
Voorbeeld:
(noun) mute-knop, demperknop
Voorbeeld:
(noun) antwoordapparaat
Voorbeeld: