Vocabulaireverzameling Collectieve zelfstandige naamwoorden voor dieren in Dieren: Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling 'Collectieve zelfstandige naamwoorden voor dieren' in 'Dieren' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren(noun) band, strook, bereik;
(verb) banden, vastbinden, verenigen
Voorbeeld:
(noun) kudde, menigte, massa;
(verb) drijven, bijeenbrengen
Voorbeeld:
(noun) peul, capsule, houder;
(verb) doppen, schillen
Voorbeeld:
(noun) zwerm, menigte, massa;
(verb) zwermen, zich verzamelen, wimmelen van
Voorbeeld:
(noun) vee, runderen
Voorbeeld:
(noun) caravan, woonwagen, karavaan
Voorbeeld:
(noun) vlucht, zwerm, trap
Voorbeeld:
(noun) luiaard, luiheid, traagheid
Voorbeeld:
(verb) reed;
(noun) kudde, menigte
Voorbeeld:
(noun) pak, rugzak, bundel;
(verb) inpakken, verpakken, vullen
Voorbeeld:
(noun) zwerm, kudde, menigte;
(verb) stromen, zich verzamelen
Voorbeeld:
(noun) harem
Voorbeeld:
(noun) kolonie, groep
Voorbeeld:
(noun) trots, fierheid, hoogmoed;
(verb) trots zijn op, zich beroemen op
Voorbeeld:
(noun) school, zwerm, ondiepte;
(verb) ondieper worden, verlanden, scholen
Voorbeeld:
(noun) plaag, pest, overlast;
(verb) plagen, teisteren
Voorbeeld:
(noun) troep ganzen, groep, menigte;
(verb) gaggelen, snateren
Voorbeeld:
(noun) school, schooltijd, les;
(verb) onderwijzen, scholen
Voorbeeld:
(verb) staan, plaatsen, zetten;
(noun) standaard, rek, standpunt
Voorbeeld:
(noun) parlement, wetgevende macht
Voorbeeld:
(noun) scherpzinnigheid, slimheid, doortraptheid
Voorbeeld:
(verb) sluipen, rondsluipen, zich schuilhouden;
(noun) sluipmoordenaar, schuiler
Voorbeeld:
(noun) groepje, zwerm, clubje
Voorbeeld:
(verb) verzamelen, bijeenbrengen, opbrengen;
(noun) opkomst, verzameling
Voorbeeld:
(noun) dieptemeter, echolood, geluidsmaker;
(adjective) gezonder, steviger
Voorbeeld:
(noun) groep katten, kudde katten
Voorbeeld:
(noun) vernietiging, verwoesting, ruïne
Voorbeeld:
(noun) bed, bedding, bodem;
(verb) naar bed brengen, te slapen leggen, planten
Voorbeeld:
(noun) schaamte, verlegenheid, gêne
Voorbeeld:
(noun) ijver, enthousiasme, gedrevenheid
Voorbeeld:
(plural noun) runderen, koeien
Voorbeeld:
(noun) moord, marteling, hel;
(verb) vermoorden, doden, verpesten
Voorbeeld:
(noun) groep, zwerm, groep vogels
Voorbeeld:
(noun) onvriendelijkheid, onbeleefdheid, hardheid
Voorbeeld:
(verb) kijken, observeren, opletten;
(noun) horloge, wacht, bewaking
Voorbeeld:
(noun) arbeid, werk, bevalling;
(verb) zwoegen, hard werken
Voorbeeld: