Vocabulaireverzameling Top 326 - 350 Verbs in 500 Meest Voorkomende Engelse Werkwoorden: Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling 'Top 326 - 350 Verbs' in '500 Meest Voorkomende Engelse Werkwoorden' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren(verb) verzamelen, bijeenkomen, opmaken;
(noun) plooi, ruche
Voorbeeld:
(verb) voorkeur geven aan, verkiezen
Voorbeeld:
(verb) bevestigen, vastmaken, aanhechten
Voorbeeld:
(noun) uitdaging, uitnodiging tot strijd, moeilijkheid;
(verb) uitdagen, betwisten, in twijfel trekken
Voorbeeld:
(noun) wedstrijd, match, lucifer;
(verb) overeenkomen, passen bij, matchen
Voorbeeld:
(verb) optillen, opheffen, intrekken;
(noun) lift, heftoestel, rit
Voorbeeld:
(verb) ontsnappen, ontkomen, lekken;
(noun) ontsnapping, vlucht
Voorbeeld:
(verb) kussen, licht aanraken, strelen;
(noun) kus
Voorbeeld:
(noun) poging, proef;
(verb) proberen, ondernemen
Voorbeeld:
(verb) kauwen, knagen;
(noun) kauw, hap
Voorbeeld:
(verb) verkrijgen, krijgen, gelden
Voorbeeld:
(noun) upgrade, verbetering;
(verb) upgraden, verbeteren
Voorbeeld:
(noun) gejuich, aanmoediging;
(verb) juichen, aanmoedigen, opvrolijken
Voorbeeld:
(verb) communiceren, overbrengen, verspreiden
Voorbeeld:
(adjective) compleet, volledig, totaal;
(verb) voltooien, afmaken
Voorbeeld:
(verb) toegeven, bekennen, toelaten
Voorbeeld:
(verb) rijden, nemen;
(noun) rit, tocht, lift
Voorbeeld:
(verb) scheiden, afzonderen, uit elkaar gaan;
(adjective) gescheiden, apart
Voorbeeld:
(verb) omslaan, omdraaien, gooien;
(noun) draai, salto, omslag;
(adjective) lichtzinnig, oppervlakkig
Voorbeeld:
(noun) land, grond, perceel;
(verb) landen, neerlaten, bemachtigen
Voorbeeld:
(verb) schoppen, trap, stoppen met;
(noun) schop, trap, kick
Voorbeeld:
(noun) film, laagje;
(verb) filmen, opnemen
Voorbeeld:
(verb) observeren, waarnemen, opmerken
Voorbeeld:
(verb) wassen, reinigen, wasbaar zijn;
(noun) wasbeurt, wassen, laag
Voorbeeld:
(verb) verdwijnen, uitsterven
Voorbeeld: