Vocabulaireverzameling A2 - Noodzakelijke Werkwoorden 1 in Niveau A2: Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling 'A2 - Noodzakelijke Werkwoorden 1' in 'Niveau A2' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren(verb) handelen, doen, acteren;
(noun) daad, handeling, wet
Voorbeeld:
(verb) beïnvloeden, aantasten, aandoen
Voorbeeld:
(verb) analyseren, ontleden
Voorbeeld:
(verb) solliciteren, aanvragen, aanbrengen
Voorbeeld:
(verb) schikken, ordenen, regelen
Voorbeeld:
(verb) vermijden, ontwijken
Voorbeeld:
(verb) slaan, afranselen, verslaan;
(noun) beat, ritme, slag;
(adjective) uitgeput, moe
Voorbeeld:
(verb) zich gedragen, functioneren
Voorbeeld:
(verb) waaien, blazen, opblazen;
(noun) windvlaag, stoot, klap
Voorbeeld:
(verb) koken, opkoken, koken van woede;
(noun) zweer, furunkel
Voorbeeld:
(verb) branden, verbranden, verbruiken;
(noun) brandwond, verbranding
Voorbeeld:
(noun) oorzaak, reden, zaak;
(verb) veroorzaken, teweegbrengen
Voorbeeld:
(verb) verzamelen, ophalen, afhalen;
(noun) collectegebed, collect
Voorbeeld:
(verb) verbinden, aansluiten, verbinding maken
Voorbeeld:
(verb) overwegen, in overweging nemen, beschouwen
Voorbeeld:
(noun) controle, beheersing, bediening;
(verb) controleren, beheersen, beperken
Voorbeeld:
(verb) bedekken, afdekken, behandelen;
(noun) deksel, omslag, cover
Voorbeeld:
(verb) afhangen van, afhankelijk zijn van, rekenen op
Voorbeeld:
(verb) vernietigen, verwoesten, kapotmaken
Voorbeeld:
(verb) ontwikkelen, groeien, krijgen
Voorbeeld:
(verb) verdwijnen, uitsterven
Voorbeeld:
(adjective) droog, dor, dorstig;
(verb) drogen
Voorbeeld:
(verb) bestaan, er zijn, overleven
Voorbeeld:
(verb) verwachten, eisen
Voorbeeld:
(verb) uiten, uitdrukken, verzenden;
(adjective) expres, snel, uitdrukkelijk;
(noun) expres, sneltrein, snelbus;
(adverb) expres, snel
Voorbeeld:
(noun) vlucht, zwerm, trap
Voorbeeld:
(verb) repareren, herstellen, bevestigen;
(noun) oplossing, reparatie, dosis
Voorbeeld:
(verb) begroeten, verwelkomen, ontvangen
Voorbeeld:
(verb) produceren, vervaardigen, opleveren;
(noun) producten, landbouwproducten
Voorbeeld:
(verb) kijken, zoeken, lijken;
(noun) blik, uitstraling, uiterlijk
Voorbeeld:
(phrasal verb) uitvoeren, verrichten
Voorbeeld:
(noun) stop, einde, halte;
(verb) stoppen, beëindigen, ophouden
Voorbeeld: