Vocabulaireverzameling Oxford 5000 - B2 - Letter B in Oxford 5000 - B2: Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling 'Oxford 5000 - B2 - Letter B' in 'Oxford 5000 - B2' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren(noun) badge, insigne;
(verb) voorzien van een badge, markeren met een badge
Voorbeeld:
(adjective) uitgebalanceerd, evenwichtig, onpartijdig
Voorbeeld:
(noun) ballet
Voorbeeld:
(noun) ballon, heteluchtballon;
(verb) opzwellen, uitzetten
Voorbeeld:
(adverb) nauwelijks, net, openlijk
Voorbeeld:
(noun) koopje, aanbieding, overeenkomst;
(verb) onderhandelen, afdingen
Voorbeeld:
(noun) kelder, souterrain
Voorbeeld:
(noun) mand, basket, ring
Voorbeeld:
(noun) vleermuis, knuppel, bat;
(verb) slaan, raken, knipperen
Voorbeeld:
(adjective) gunstig, voordelig, heilzaam
Voorbeeld:
(preposition) naast
Voorbeeld:
(preposition) behalve, naast;
(adverb) bovendien, daarbij
Voorbeeld:
(noun) vooringenomenheid, vooroordeel, partijdigheid;
(verb) beïnvloeden, vooringenomen maken
Voorbeeld:
(noun) bod, offerte, poging;
(verb) bieden, een bod doen, groeten
Voorbeeld:
(adjective) biologisch, natuurlijk
Voorbeeld:
(noun) deken, sprei, laag;
(adjective) algemeen, uitgebreid;
(verb) bedekken, omhullen
Voorbeeld:
(verb) waaien, blazen, opblazen;
(noun) windvlaag, stoot, klap
Voorbeeld:
(adjective) gedurfd, moedig, opvallend;
(verb) vetgedrukt maken, vetten
Voorbeeld:
(noun) bombardement, bomaanslag, flop
Voorbeeld:
(noun) boeking, reservering, registratie
Voorbeeld:
(verb) stimuleren, vergroten, omhoog helpen;
(noun) impuls, stimulans
Voorbeeld:
(verb) springen, hossen, begrenzen;
(adjective) begrensd, omsloten, op weg;
(noun) sprong, hup, grens
Voorbeeld:
(noun) baksteen, bouwsteen, speelgoedblok;
(verb) bricken, onbruikbaar maken
Voorbeeld:
(adverb) kort, even, bondig
Voorbeeld:
(noun) omroeper, presentator, omroep
Voorbeeld:
(adverb) breed, algemeen
Voorbeeld:
(noun) insect, kever, afluisterapparaat;
(verb) storen, irriteren, afluisteren
Voorbeeld: