Vocabulaireverzameling Leestekens in Taal: Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling 'Leestekens' in 'Taal' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren(noun) ampersand, en-teken
Voorbeeld:
(noun) apostrof, apostrofe, directe aanspreking
Voorbeeld:
(noun) asterisk, sterretje;
(verb) van een asterisk voorzien, markeren met een sterretje
Voorbeeld:
(noun) backslash, omgekeerde schuine streep
Voorbeeld:
(noun) beugel, steun, paar;
(verb) zich schrap zetten, voorbereiden, vastzetten
Voorbeeld:
(noun) haakje, haakjes, beugel;
(verb) tussen haakjes plaatsen, eensluiten, groeperen
Voorbeeld:
(noun) opsommingsteken
Voorbeeld:
(noun) dubbelepunt, dikke darm, colon
Voorbeeld:
(noun) komma
Voorbeeld:
(noun) scheutje, snufje, streepje;
(verb) rennen, spurten, slaan
Voorbeeld:
(adverb) idem, hetzelfde;
(noun) idemteken, idem;
(verb) herhalen, nabootsen
Voorbeeld:
(noun) stip, punt;
(verb) stippen, aanstippen
Voorbeeld:
(noun) uitroepteken
Voorbeeld:
(noun) koppelteken;
(verb) koppelen
Voorbeeld:
(verb) koppeltekenen, met een koppelteken schrijven
Voorbeeld:
(plural noun) aanhalingstekens
Voorbeeld:
(noun) teken, merk, cijfer;
(verb) markeren, vlekken, aanduiden
Voorbeeld:
(noun) periode, tijdperk, punt;
(exclamation) punt uit, klaar
Voorbeeld:
(noun) parenthese, tussenvoegsel, haakje
Voorbeeld:
(noun) punt, uiteinde, plaats;
(verb) wijzen, aanduiden, richten
Voorbeeld:
(noun) hekje, hash-teken
Voorbeeld:
(verb) interpuncteren, van leestekens voorzien, onderbreken
Voorbeeld:
(noun) interpunctie, leestekens
Voorbeeld:
(noun) leesteken
Voorbeeld:
(noun) vraagteken, onzekerheid, twijfel
Voorbeeld:
(noun) aanhalingsteken, aanhalingstekens
Voorbeeld:
(verb) citeren, aanhalen, offreren;
(noun) citaat, aangehaalde tekst, offerte
Voorbeeld:
(noun) puntkomma
Voorbeeld:
(noun) snede, insnijding, schuine streep;
(verb) snijden, doorsnijden, verlagen
Voorbeeld:
(noun) tilde, benaderingsteken
Voorbeeld: