Avatar of Vocabulary Set Basis 1

Vocabulaireverzameling Basis 1 in Dag 5 - Geheime wapens: Volledige en gedetailleerde lijst

De vocabulaireverzameling 'Basis 1' in 'Dag 5 - Geheime wapens' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...

Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland

Nu leren

sophisticated

/səˈfɪs.tə.keɪ.t̬ɪd/

(adjective) verfijnd, gesofisticeerd, geavanceerd

Voorbeeld:

She is a very sophisticated woman with a global perspective.
Zij is een zeer verfijnde vrouw met een wereldwijd perspectief.

timely

/ˈtaɪm.li/

(adjective) tijdig, opportuun;

(adverb) tijdig, opportuun

Voorbeeld:

The doctor's timely intervention saved the patient's life.
De tijdige tussenkomst van de arts redde het leven van de patiënt.

realistically

/ˌriː.əˈlɪs.tɪ.kəl.i/

(adverb) realistisch, realistisch gezien

Voorbeeld:

Realistically, we don't have enough time to finish the project today.
Realistisch gezien hebben we niet genoeg tijd om het project vandaag af te maken.

promptly

/ˈprɑːmpt.li/

(adverb) onmiddellijk, stipt, prompt

Voorbeeld:

She responded promptly to the email.
Ze reageerde onmiddellijk op de e-mail.

accessible

/əkˈses.ə.bəl/

(adjective) toegankelijk, bereikbaar, begrijpelijk

Voorbeeld:

The building is wheelchair accessible.
Het gebouw is rolstoeltoegankelijk.

implement

/ˈɪm.plə.ment/

(noun) werktuig, gereedschap;

(verb) implementeren, uitvoeren

Voorbeeld:

Agricultural implements are essential for farming.
Landbouwwerktuigen zijn essentieel voor de landbouw.

feedback

/ˈfiːd.bæk/

(noun) feedback, terugkoppeling

Voorbeeld:

We welcome your feedback on our new service.
Wij verwelkomen uw feedback over onze nieuwe dienst.

outstanding

/ˌaʊtˈstæn.dɪŋ/

(adjective) uitstekend, uitmuntend, voortreffelijk

Voorbeeld:

She is an outstanding student.
Zij is een uitstekende student.

inform

/ɪnˈfɔːrm/

(verb) informeren, op de hoogte stellen, vormgeven

Voorbeeld:

Please inform me of any changes.
Gelieve mij op de hoogte te stellen van eventuele wijzigingen.

replacement

/rɪˈpleɪs.mənt/

(noun) vervanging, vernieuwing, vervanger

Voorbeeld:

The replacement of old pipes is a major project.
De vervanging van oude leidingen is een groot project.

announcement

/əˈnaʊns.mənt/

(noun) aankondiging, bekendmaking

Voorbeeld:

The company made an announcement about its new product.
Het bedrijf deed een aankondiging over zijn nieuwe product.

department

/dɪˈpɑːrt.mənt/

(noun) afdeling, departement, warenhuis

Voorbeeld:

She works in the marketing department.
Zij werkt op de marketingafdeling.

permanently

/ˈpɝː.mə.nənt.li/

(adverb) permanent, voorgoed

Voorbeeld:

He moved to Canada permanently.
Hij verhuisde permanent naar Canada.

fulfill

/fʊlˈfɪl/

(verb) vervullen, realiseren, nakomen

Voorbeeld:

He worked hard to fulfill his dream of becoming a doctor.
Hij werkte hard om zijn droom om dokter te worden te vervullen.

outline

/ˈaʊt.laɪn/

(noun) schets, overzicht, hoofdlijnen;

(verb) schetsen, omlijnen, aftekenen

Voorbeeld:

He drew an outline of the proposed building.
Hij tekende een schets van het voorgestelde gebouw.

explain

/ɪkˈspleɪn/

(verb) uitleggen, verklaren, rechtvaardigen

Voorbeeld:

Can you explain this concept to me?
Kun je dit concept aan mij uitleggen?

contain

/kənˈteɪn/

(verb) bevatten, inhouden, bedwingen

Voorbeeld:

The box contains old letters.
De doos bevat oude brieven.

compile

/kəmˈpaɪl/

(verb) compileren, verzamelen, opstellen

Voorbeeld:

She spent weeks compiling the data for her research.
Ze heeft wekenlang de gegevens voor haar onderzoek verzameld.

subsequent

/ˈsʌb.sɪ.kwənt/

(adjective) daaropvolgend, volgend

Voorbeeld:

The subsequent events confirmed our suspicions.
De daaropvolgende gebeurtenissen bevestigden onze vermoedens.

overview

/ˈoʊ.vɚ.vjuː/

(noun) overzicht, samenvatting

Voorbeeld:

The presentation provided a brief overview of the company's history.
De presentatie gaf een kort overzicht van de geschiedenis van het bedrijf.

provider

/prəˈvaɪ.dɚ/

(noun) aanbieder, leverancier, kostwinner

Voorbeeld:

The company is a leading provider of internet services.
Het bedrijf is een toonaangevende aanbieder van internetdiensten.

matter

/ˈmæt̬.ɚ/

(noun) materie, stof, zaak;

(verb) er toe doen, belangrijk zijn

Voorbeeld:

All living things are composed of matter.
Alle levende wezens zijn samengesteld uit materie.

expertise

/ˌek.spɝːˈtiːz/

(noun) expertise, deskundigheid, vakkennis

Voorbeeld:

The company is known for its expertise in software development.
Het bedrijf staat bekend om zijn expertise in softwareontwikkeling.

demonstrate

/ˈdem.ən.streɪt/

(verb) aantonen, bewijzen, demonstreren

Voorbeeld:

The study demonstrates the effectiveness of the new drug.
De studie toont de effectiviteit van het nieuwe medicijn aan.

remainder

/rɪˈmeɪn.dɚ/

(noun) rest, overblijfsel, residu

Voorbeeld:

He spent the remainder of his life in peace.
Hij bracht de rest van zijn leven in vrede door.

essential

/ɪˈsen.ʃəl/

(adjective) essentieel, noodzakelijk, wezenlijk;

(noun) essentiële zaken, benodigdheden

Voorbeeld:

Water is essential for life.
Water is essentieel voor het leven.

divide

/dɪˈvaɪd/

(verb) verdelen, scheiden, delen;

(noun) scheiding, grens

Voorbeeld:

We need to divide the cake into equal slices.
We moeten de taart in gelijke plakken verdelen.

major

/ˈmeɪ.dʒɚ/

(adjective) belangrijk, groot, ernstig;

(noun) majoor, hoofdvak, studierichting;

(verb) specialiseren in, hoofdvak hebben in

Voorbeeld:

This is a major problem that needs immediate attention.
Dit is een groot probleem dat onmiddellijke aandacht vereist.

compliance

/kəmˈplaɪ.əns/

(noun) naleving, overeenstemming, inschikkelijkheid

Voorbeeld:

The company must ensure full compliance with environmental regulations.
Het bedrijf moet volledige naleving van de milieuregels garanderen.

clarify

/ˈkler.ə.faɪ/

(verb) verduidelijken, ophelderen, klaren

Voorbeeld:

Could you please clarify what you mean by that statement?
Kunt u alstublieft verduidelijken wat u met die verklaring bedoelt?

face

/feɪs/

(noun) gezicht, wijzerplaat, wand;

(verb) onder ogen zien, tegemoet treden, liggen

Voorbeeld:

She washed her face with cold water.
Ze waste haar gezicht met koud water.

follow

/ˈfɑː.loʊ/

(verb) volgen, opvolgen, naleven;

(noun) aanhang, volgers

Voorbeeld:

The dog followed its owner everywhere.
De hond volgde zijn baasje overal.

aspect

/ˈæs.pekt/

(noun) aspect, facet, uiterlijk

Voorbeeld:

The most important aspect of the job is communication.
Het belangrijkste aspect van de baan is communicatie.

apparently

/əˈper.ənt.li/

(adverb) blijkbaar, kennelijk, ogenschijnlijk

Voorbeeld:

Apparently, it's going to rain tomorrow.
Blijkbaar gaat het morgen regenen.

aware

/əˈwer/

(adjective) bewust, op de hoogte

Voorbeeld:

Are you aware of the risks involved?
Ben je bewust van de risico's?

extended

/ɪkˈsten.dɪd/

(adjective) verlengd, uitgebreid, breed

Voorbeeld:

They took an extended vacation to Europe.
Ze namen een verlengde vakantie naar Europa.

accidentally

/ˌæk.səˈden.t̬əl.i/

(adverb) per ongeluk, toevallig

Voorbeeld:

I accidentally deleted the file.
Ik heb het bestand per ongeluk verwijderd.

advisable

/ədˈvaɪ.zə.bəl/

(adjective) raadzaam, aan te raden, verstandig

Voorbeeld:

It is advisable to book your tickets in advance.
Het is raadzaam om je tickets van tevoren te boeken.

concerned

/kənˈsɝːnd/

(adjective) bezorgd, bekommerd, betrokken

Voorbeeld:

She was very concerned about her son's health.
Ze was erg bezorgd over de gezondheid van haar zoon.

speak

/spiːk/

(verb) spreken, praten, een lezing geven

Voorbeeld:

He didn't speak a word.
Hij sprak geen woord.
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland