Vocabulaireverzameling Literatuur en cultuur in SAT-woordenschat gerelateerd aan de geesteswetenschappen: Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling 'Literatuur en cultuur' in 'SAT-woordenschat gerelateerd aan de geesteswetenschappen' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren(noun) proza;
(verb) langdradig praten, vervelend spreken
Voorbeeld:
(noun) vrij vers
Voorbeeld:
(noun) strofe, vers
Voorbeeld:
(noun) sonnet
Voorbeeld:
(noun) ballade, verhalend lied, sentimenteel lied
Voorbeeld:
(noun) protagonist, hoofdpersoon, voorstander
Voorbeeld:
(noun) heldin, hoofdrolspeelster
Voorbeeld:
(noun) allegorie, zinnebeeld
Voorbeeld:
(noun) personificatie, verpersoonlijking, belichaming
Voorbeeld:
(noun) allussie, toespeling, hint
Voorbeeld:
(noun) woordspeling, kalambur;
(verb) woordspelen, kalambureren
Voorbeeld:
(noun) metafoor
Voorbeeld:
(noun) vergelijking
Voorbeeld:
(noun) ironie, speling van het lot
Voorbeeld:
(noun) toon, klank, sfeer;
(verb) een toon geven, temperen, aanpassen
Voorbeeld:
(noun) canon, regel, principe
Voorbeeld:
(plural noun) marginalia, kanttekeningen
Voorbeeld:
(noun) memoire, levensverhaal
Voorbeeld:
(noun) autobiografie
Voorbeeld:
(noun) graphic novel, striproman
Voorbeeld:
(noun) stuiverroman, dubbeltjesroman
Voorbeeld:
(noun) achtergrondverhaal, voorgeschiedenis
Voorbeeld:
(noun) bloemlezing, anthologie
Voorbeeld:
(noun) ghostwriter, schaduwschrijver
Voorbeeld:
(noun) manuscript, handschrift
Voorbeeld:
(noun) rol, perkament;
(verb) scrollen, doorbladeren
Voorbeeld:
(noun) burleske, parodie, klucht;
(verb) burleskeren, parodiëren, bespotten;
(adjective) burlesk, kluchtig, parodiërend
Voorbeeld:
(adjective) satirisch
Voorbeeld:
(adjective) melodramatisch, overdreven, overemotioneel
Voorbeeld:
(noun) fragment, uittreksel, passage;
(verb) uittreksel maken van, fragmenteren, selecteren
Voorbeeld:
(verb) fictionaliseren
Voorbeeld:
(noun) hiëroglief, symbool, teken
Voorbeeld:
(noun) uitroep, tussenwerpsel
Voorbeeld:
(noun) syntaxis, zinsbouw, programmeertaalregels
Voorbeeld:
(noun) dialect, streektaal
Voorbeeld:
(noun) intonatie, stembuiging
Voorbeeld:
(noun) initialisme, letterwoord
Voorbeeld:
(noun) etymologie, woordherkomst
Voorbeeld:
(noun) taalkundige, linguïst, polyglot
Voorbeeld:
(noun) mythologie, studie van mythen
Voorbeeld:
(noun) chimera, mythisch monster, illusie
Voorbeeld:
(noun) basilisk, basilisk (hagedis)
Voorbeeld:
(noun) folklore, volksverhalen
Voorbeeld:
(noun) gewoonte, gebruik;
(adjective) op maat gemaakt, maatwerk
Voorbeeld:
(noun) overlevering, volkskunde, kennis
Voorbeeld:
(noun) klaagzang, elegie
Voorbeeld:
(noun) erfgoed, erfenis, cultureel erfgoed
Voorbeeld:
(noun) subcultuur
Voorbeeld:
(noun) wedergeboorte, herleving
Voorbeeld:
(adjective) eeuwenoud, traditioneel, gevestigd
Voorbeeld: