Vocabulaireverzameling 401-450 in 600 WOORDEN DIE NAUWKEURIG ZIJN AAN LEERBOEKEN: Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling '401-450' in '600 WOORDEN DIE NAUWKEURIG ZIJN AAN LEERBOEKEN' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren(adjective) illegaal, onwettig
Voorbeeld:
(adjective) bedreigd
Voorbeeld:
(noun) generatie, opwekking, afstamming
Voorbeeld:
(noun) manier, wijze, gedrag
Voorbeeld:
(adjective) virtueel, feitelijk
Voorbeeld:
(adjective) mensachtig, antropomorf
Voorbeeld:
(adjective) digitaal, vinger-
Voorbeeld:
(adjective) realtime, onmiddellijk
Voorbeeld:
(noun) handleiding, instructieboekje;
(adjective) handmatig, hand-
Voorbeeld:
(adjective) verouderd, achterhaald;
(verb) verouderen, achterhaald maken
Voorbeeld:
(adjective) fascinerend, boeiend, interessant
Voorbeeld:
(adjective) gepassioneerd, hartstochtelijk
Voorbeeld:
(noun) vooruitgang, bevordering, promotie
Voorbeeld:
(noun) vastberadenheid, besluitvaardigheid, vaststelling
Voorbeeld:
(noun) vechtsport, krijgskunst
Voorbeeld:
(noun) gouvernante
Voorbeeld:
(adjective) pakkend, memorabel, aanstekelijk
Voorbeeld:
(adjective) viraal, populair
Voorbeeld:
(noun) luidspreker, speaker
Voorbeeld:
(noun) advertentie, reclame;
(verb) verwijzen naar, aandacht besteden aan
Voorbeeld:
(verb) uitlijnen, op één lijn brengen, afstemmen
Voorbeeld:
(noun) sollicitant, kandidaat, aanvrager
Voorbeeld:
(noun) gastouder, kinderoppas
Voorbeeld:
(noun) barista, koffiemaker
Voorbeeld:
(noun) gibbon
Voorbeeld:
(noun) gevangenschap
Voorbeeld:
(noun) puin, afval, brokstukken
Voorbeeld:
(noun) redding;
(verb) redden
Voorbeeld:
(noun) omheining, verblijf, omsloten ruimte
Voorbeeld:
(adjective) eigen;
(verb) bezitten, eigenaar zijn van, toegeven;
(adverb) alleen, zelfstandig
Voorbeeld:
(noun) evolutie, ontwikkeling
Voorbeeld:
(plural noun) soft skills, sociale vaardigheden
Voorbeeld:
(verb) updaten, bijwerken, op de hoogte brengen;
(noun) update, bijwerking, laatste informatie
Voorbeeld:
(verb) reiken, bereiken, aankomen;
(noun) bereik, reikwijdte, toegang
Voorbeeld:
(verb) factchecken, feiten controleren;
(noun) factcheck, feitencontrole
Voorbeeld:
(adjective) strategisch, militair
Voorbeeld:
(noun) encryptie, versleuteling
Voorbeeld:
(noun) transactie, zakelijke deal, afhandeling
Voorbeeld:
(noun) aanvraag, sollicitatie, toepassing
Voorbeeld:
(noun) portfolio, map, beleggingsportefeuille
Voorbeeld:
(noun) mijlpaal, hoogtepunt, afstandspaal
Voorbeeld:
(noun) gorilla, reus, bullebak
Voorbeeld:
(noun) gebarentaal
Voorbeeld:
(noun) koraalrif
Voorbeeld:
(noun) habitatverlies, verlies van leefgebied
Voorbeeld:
(noun) paaiplaats, paaigrond, broedplaats
Voorbeeld:
(noun) reis, tocht, proces;
(verb) reizen, trekken
Voorbeeld:
(verb) gevangenzetten, opsluiten
Voorbeeld:
(verb) verbreden, vergroten
Voorbeeld:
(noun) besluitvorming
Voorbeeld: