Vocabulaireverzameling Top 401 - 425 Verbs in 500 Meest Voorkomende Engelse Werkwoorden: Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling 'Top 401 - 425 Verbs' in '500 Meest Voorkomende Engelse Werkwoorden' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren(noun) slot, sluis, lok;
(verb) sluiten, vergrendelen, blokkeren
Voorbeeld:
(verb) verklaren, aankondigen, aangeven
Voorbeeld:
(verb) concentreren, zich richten op, indikken;
(noun) concentraat, geconcentreerd product
Voorbeeld:
(noun) glijbaan, slip, glijbeweging;
(verb) glijden, schuiven, sluipen
Voorbeeld:
(verb) klimmen, stijgen, moeizaam klimmen;
(noun) klim, beklimming
Voorbeeld:
(verb) reageren, chemisch reageren
Voorbeeld:
(noun) opmerking, commentaar;
(verb) commentaar geven, opmerken
Voorbeeld:
(verb) transformeren, veranderen, omvormen
Voorbeeld:
(verb) bijten, hap, aantasten;
(noun) beet, hap, hapje
Voorbeeld:
(verb) verlagen, neerlaten, verminderen;
(adjective) lager, minder hoog
Voorbeeld:
(verb) uitvinden, bedenken, verzinnen
Voorbeeld:
(verb) veroorloven, bieden, verschaffen
Voorbeeld:
(verb) staren, aangapen;
(noun) blik, staar
Voorbeeld:
(verb) weerstaan, bestand zijn tegen, zich verzetten tegen
Voorbeeld:
(noun) afgestudeerde, gediplomeerde;
(verb) afstuderen, diploma behalen, doorstromen
Voorbeeld:
(verb) concurreren, wedijveren
Voorbeeld:
(verb) opzeggen, verlaten, stoppen met;
(noun) vertrek, opzegging
Voorbeeld:
(noun) weddenschap;
(verb) wedden, zeker zijn, vertrouwen hebben
Voorbeeld:
(verb) verlenen, toestaan, toestemmen;
(noun) subsidie, toelage
Voorbeeld:
(verb) uploaden;
(noun) upload, uploadbestand
Voorbeeld:
(verb) downloaden;
(noun) download, gedownload bestand
Voorbeeld:
(verb) haasten, spoeden, versnellen;
(noun) stroom, haast, spits;
(adjective) gehaast, overhaast
Voorbeeld:
(verb) van plan zijn, beoogen, bestemmen
Voorbeeld:
(verb) bereiken, volbrengen
Voorbeeld:
(noun) aankoop, koop, grip;
(verb) kopen, aanschaffen
Voorbeeld: