Vocabulaireverzameling 800 punten in Dag 15 - Contractonderhandeling: Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling '800 punten' in 'Dag 15 - Contractonderhandeling' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren(phrase) een deal sluiten, een overeenkomst afronden
Voorbeeld:
(verb) compliceren, ingewikkelder maken
Voorbeeld:
(phrase) een nummer draaien, een nummer intoetsen
Voorbeeld:
(noun) nadeel, handicap;
(verb) benadelen, handicappen
Voorbeeld:
(phrasal verb) zich concentreren op, focussen op
Voorbeeld:
(idiom) in geen tijden, een eeuwigheid
Voorbeeld:
(noun) huishouden;
(adjective) huishoudelijk
Voorbeeld:
(phrase) ik heb geen idee, geen flauw benul
Voorbeeld:
(phrasal verb) afsluiten, op slot doen, opsluiten
Voorbeeld:
(phrase) een storting doen, een aanbetaling doen
Voorbeeld:
(phrase) een fout maken
Voorbeeld:
(noun) piek, hoogtepunt, top;
(verb) pieken, een hoogtepunt bereiken;
(adjective) piek, hoogtepunt
Voorbeeld:
(noun) regenkaartje, uitgestelde toegangskaart, uitstel
Voorbeeld:
(phrasal verb) verhuren, uitlenen
Voorbeeld:
(noun) huurovereenkomst, huurcontract
Voorbeeld:
(adjective) ruw, oneffen, hard;
(adverb) ruw, hardhandig;
(noun) moeilijkheid, tegenslag
Voorbeeld:
(noun) royalty, koningshuis, auteursrecht
Voorbeeld:
(idiom) in verschillende richtingen lopen, verschillende kanten op getrokken worden
Voorbeeld:
(verb) schrikken, bang maken;
(noun) schrik, angst
Voorbeeld:
(phrase) een contract ondertekenen, een overeenkomst sluiten
Voorbeeld:
(phrase) onder contract, contractueel verbonden
Voorbeeld:
(phrase) een contract binnenhalen, een opdracht winnen
Voorbeeld:
(adjective) aangenaam, prettig, akkoord
Voorbeeld:
(phrasal verb) roepen, uitroepen, terechtwijzen
Voorbeeld:
(adjective) overtuigend
Voorbeeld:
(adjective) diplomatiek, tactvol
Voorbeeld:
(noun) gelijkheid, gelijkwaardigheid
Voorbeeld:
(adjective) ethisch, moreel, moreel correct
Voorbeeld:
(verb) aarzelen, twijfelen
Voorbeeld:
(phrase) in contrast, daarentegen
Voorbeeld:
(adjective) instrumenteel, behulpzaam, belangrijk;
(noun) instrumentaal stuk, instrumentale muziek
Voorbeeld:
(verb) verlengen, langer maken, langer worden
Voorbeeld:
(phrase) een zet doen, actie ondernemen, een move maken
Voorbeeld:
(verb) beledigen, kwetsen, overtreden
Voorbeeld:
(adjective) tegengesteld, vijandig
Voorbeeld:
(noun) oorsprong, begin, bron
Voorbeeld:
(adjective) rationeel, logisch, redelijk;
(noun) rationaal getal
Voorbeeld:
(noun) erkenning, herkenning
Voorbeeld:
(noun) weigering, afwijzing
Voorbeeld:
(adjective) sarcastisch, spottend
Voorbeeld:
(adjective) geselecteerd, uitgekozen;
(verb) selecteerde, gekozen
Voorbeeld:
(phrase) een beetje, min of meer
Voorbeeld:
(adverb) vast, zeker, ongetwijfeld
Voorbeeld:
(noun) verrassing, verbazing, verwondering;
(verb) verrassen, verbazen
Voorbeeld:
(adjective) ongeïnteresseerd, onverschillig
Voorbeeld:
(adjective) mondeling, verbaal, werkwoordelijk
Voorbeeld:
(adjective) virtueel, feitelijk
Voorbeeld:
(phrase) binnen redelijke grenzen, redelijkerwijs
Voorbeeld:
(idiom) het eens zijn, overeenstemmen
Voorbeeld:
(phrase) een nieuwe overeenkomst opstellen
Voorbeeld:
(noun) omheining, verblijf, omsloten ruimte
Voorbeeld:
(noun) generatiekloof
Voorbeeld:
(phrase) moeite hebben met, problemen hebben met
Voorbeeld:
(phrase) in een poging om, om te proberen
Voorbeeld:
(phrase) als blijk van waardering voor, ter erkenning van
Voorbeeld:
(phrase) in druk, leverbaar, gepubliceerd
Voorbeeld:
(phrase) samenvattend, kortom
Voorbeeld:
(noun) levenslange werkgelegenheid
Voorbeeld:
(noun) bewoner met een laag inkomen, minvermogende bewoner
Voorbeeld:
(idiom) een bod doen, bieden, een gooi doen naar
Voorbeeld:
(phrase) een contract aangaan met, een contract afsluiten met
Voorbeeld:
(phrase) bij de hand, beschikbaar, aanwezig
Voorbeeld:
(noun) replica, kopie
Voorbeeld:
(adjective) stijf, rigide, onbuigzaam
Voorbeeld:
(noun) waarborgsom, borg
Voorbeeld:
(adjective) opeenvolgend, sequentieel
Voorbeeld:
(collocation) geslaagde kandidaat, gekozen kandidaat
Voorbeeld:
(idiom) serieus nemen
Voorbeeld: