Vocabulaireverzameling 251-300 in 600 WOORDEN DIE NAUWKEURIG ZIJN AAN LEERBOEKEN: Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling '251-300' in '600 WOORDEN DIE NAUWKEURIG ZIJN AAN LEERBOEKEN' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren(adjective) hernieuwbaar, vernieuwbaar, verlengbaar
Voorbeeld:
(noun) kans, gelegenheid
Voorbeeld:
(noun) expansie, uitbreiding, vergroting
Voorbeeld:
(noun) verlies, tekort
Voorbeeld:
(noun) biodiversiteit
Voorbeeld:
(noun) megastad
Voorbeeld:
(noun) ontbossing, boskap
Voorbeeld:
(noun) tevredenheid, voldoening, vervulling
Voorbeeld:
(noun) geletterdheid, lees- en schrijfvaardigheid, competentie
Voorbeeld:
(noun) samenwerking, medewerking
Voorbeeld:
(noun) stage
Voorbeeld:
(adjective) dringend, spoedeisend, noodzakelijk
Voorbeeld:
(noun) regering, overheid, regeringsvorm
Voorbeeld:
(noun) vervuilende stof, verontreinigende stof
Voorbeeld:
(noun) uitputting, afname, vermindering
Voorbeeld:
(noun) onderhoud, handhaving, alimentatie
Voorbeeld:
(noun) falen, mislukking, nalatigheid
Voorbeeld:
(noun) beleid, richtlijn, polis
Voorbeeld:
(verb) migreren, trekken, verhuizen
Voorbeeld:
(noun) loon, salaris;
(verb) voeren, uitvoeren
Voorbeeld:
(adjective) kritisch, cruciaal, essentieel
Voorbeeld:
(adjective) essentieel, noodzakelijk, wezenlijk;
(noun) essentiële zaken, benodigdheden
Voorbeeld:
(adjective) complex, ingewikkeld, moeilijk te begrijpen;
(noun) complex, gebouwencomplex, minderwaardigheidscomplex
Voorbeeld:
(adjective) geïnformeerd, op de hoogte
Voorbeeld:
(noun) beslissing
Voorbeeld:
(noun) seminar, studiebijeenkomst, werkgroep
Voorbeeld:
(noun) denken, gedachte;
(verb) denkend, overwegend;
(adjective) denkend, nadenkend
Voorbeeld:
(adjective) kunstmatig, synthetisch, geaffecteerd
Voorbeeld:
(noun) patroon, dessin, gedrag;
(verb) patroneren, vormgeven
Voorbeeld:
(adjective) gesprekachtig, conversatie-
Voorbeeld:
(noun) reserve, voorraad, reservaat;
(verb) reserveren, voorbehouden, behouden;
(adjective) reserve, extra
Voorbeeld:
(verb) imiteren, nabootsen, simuleren
Voorbeeld:
(verb) componeren, schrijven, bestaan uit
Voorbeeld:
(verb) snuffelen, rondkijken, surfen;
(noun) rondsnuffeling, kijkje
Voorbeeld:
(noun) turbine
Voorbeeld:
(verb) genereren, produceren, creëren
Voorbeeld:
(verb) uitputten, verbruiken, uitmergelen
Voorbeeld:
(adjective) nauwkeurig, precies, correct
Voorbeeld:
(noun) verband, connectie, aansluiting
Voorbeeld:
(adjective) enorm, reusachtig, gigantisch
Voorbeeld:
(adjective) toegewijd, devoot, bestemd
Voorbeeld:
(adjective) nieuwsgierig, benieuwd, merkwaardig
Voorbeeld:
(adjective) baanbrekend, innovatief, pionierend
Voorbeeld:
(preposition) doorheen, overal in, gedurende;
(adverb) door en door, overal
Voorbeeld:
(noun) automatisering
Voorbeeld:
(adverb) aanzienlijk, significant, opmerkelijk
Voorbeeld:
(noun) gemeenschap, buurt, samenleving
Voorbeeld:
(noun) flexibiliteit, buigzaamheid, aanpassingsvermogen
Voorbeeld:
(noun) isolatie, afzondering
Voorbeeld:
(verb) integreren, samenvoegen, inburgeren
Voorbeeld: