Vocabulaireverzameling Programmeren in Informatietechnologie: Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling 'Programmeren' in 'Informatietechnologie' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren(noun) programmeertaal
Voorbeeld:
(noun) compiler
Voorbeeld:
(noun) tolk, vertaler, interpreter (computer)
Voorbeeld:
(noun) debugger, foutopsporingsprogramma
Voorbeeld:
(noun) algoritme
Voorbeeld:
(noun) datatype
Voorbeeld:
(adjective) variabel, veranderlijk;
(noun) variabele
Voorbeeld:
(adjective) constant, voortdurend, onveranderlijk;
(noun) constante
Voorbeeld:
(noun) operator, bediener, bedrijf
Voorbeeld:
(noun) uitdrukking, expressie, zegswijze
Voorbeeld:
(noun) verklaring, uitspraak, afschrift
Voorbeeld:
(noun) functie, doel, bijeenkomst;
(verb) functioneren, werken
Voorbeeld:
(noun) klas, les, cursus;
(verb) indelen, classificeren;
(adjective) stijlvol, chic
Voorbeeld:
(noun) voorwerp, object, doel;
(verb) bezwaar maken, tegenwerpen
Voorbeeld:
(noun) erfenis, nalatenschap, overerving
Voorbeeld:
(noun) polymorfisme, veelvormigheid
Voorbeeld:
(noun) inkapseling, omhulling, encapsulatie
Voorbeeld:
(noun) abstractie, onstoffelijkheid, abstractieproces
Voorbeeld:
(noun) lus, kring, loop;
(verb) lussen, een lus maken, loopen
Voorbeeld:
(noun) verzameling, scala, reeks;
(verb) opstellen, schikken, ordenen
Voorbeeld:
(noun) lijst;
(verb) lijsten, opsommen
Voorbeeld:
(noun) rij, wachtrij;
(verb) in de rij staan, wachten
Voorbeeld:
(noun) stapel, boel, berg;
(verb) stapelen
Voorbeeld:
(noun) aanwijsstok, pointer, tip
Voorbeeld:
(noun) recursie, zelfdefinitie
Voorbeeld:
(noun) grafiek, diagram;
(verb) grafisch weergeven, plotten
Voorbeeld:
(noun) hashing, hashen;
(verb) hakken, uitwerken
Voorbeeld:
(noun) stapel, hoop, boel;
(verb) stapelen, ophopen, overladen
Voorbeeld: