Avatar of Vocabulary Set B1 - Romantiek

Vocabulaireverzameling B1 - Romantiek in Niveau B1: Volledige en gedetailleerde lijst

De vocabulaireverzameling 'B1 - Romantiek' in 'Niveau B1' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...

Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland

Nu leren

admire

/ədˈmaɪr/

(verb) bewonderen, genieten van het kijken naar

Voorbeeld:

I truly admire her dedication to her work.
Ik bewonder echt haar toewijding aan haar werk.

desire

/dɪˈzaɪr/

(noun) verlangen, wens, begeerte;

(verb) verlangen, wensen, begeerte hebben

Voorbeeld:

He expressed a strong desire to travel the world.
Hij uitte een sterk verlangen om de wereld rond te reizen.

dislike

/dɪˈslaɪk/

(noun) afkeer, hekel;

(verb) niet houden van, afkeer hebben van

Voorbeeld:

She has a strong dislike for seafood.
Ze heeft een sterke afkeer van zeevruchten.

embrace

/ɪmˈbreɪs/

(verb) omhelzen, omarmen, accepteren;

(noun) omhelzing, omarming

Voorbeeld:

She leaned in to embrace her friend.
Ze leunde voorover om haar vriendin te omhelzen.

flirt

/flɝːt/

(verb) flirten, koketteren, spelen met;

(noun) flirt, koket

Voorbeeld:

He was flirting with the waitress.
Hij was aan het flirten met de serveerster.

want

/wɑːnt/

(verb) willen, behoeven, ontbreken;

(noun) gebrek, behoefte

Voorbeeld:

I want a new car.
Ik wil een nieuwe auto.

kiss

/kɪs/

(verb) kussen, licht aanraken, strelen;

(noun) kus

Voorbeeld:

He leaned in to kiss her softly on the cheek.
Hij boog zich voorover om haar zachtjes op de wang te kussen.

lover

/ˈlʌv.ɚ/

(noun) minnaar, minnares, liefhebber

Voorbeeld:

She discovered her husband had a lover.
Ze ontdekte dat haar man een minnares had.

date

/deɪt/

(noun) datum, afspraakje, date;

(verb) dateren, daten, uitgaan met

Voorbeeld:

What's the date today?
Wat is de datum vandaag?

love letter

/ˈlʌv ˌlet.ər/

(noun) liefdesbrief

Voorbeeld:

He wrote her a beautiful love letter every week.
Hij schreef haar elke week een prachtige liefdesbrief.

love life

/ˈlʌv laɪf/

(noun) liefdesleven

Voorbeeld:

She's been having some problems with her love life recently.
Ze heeft de laatste tijd wat problemen met haar liefdesleven.

hug

/hʌɡ/

(noun) knuffel, omhelzing;

(verb) knuffelen, omhelzen

Voorbeeld:

She gave her son a warm hug.
Ze gaf haar zoon een warme knuffel.

passion

/ˈpæʃ.ən/

(noun) passie, hartstocht, liefhebberij

Voorbeeld:

He spoke with great passion about his beliefs.
Hij sprak met grote passie over zijn overtuigingen.

crush

/krʌʃ/

(verb) verpletteren, verbrijzelen, onderdrukken;

(noun) crush, verliefdheid, menigte

Voorbeeld:

He accidentally crushed the delicate flower.
Hij verpletterde per ongeluk de delicate bloem.

baby

/ˈbeɪ.bi/

(noun) baby, zuigeling, schatje;

(verb) verwennen, vertroetelen;

(adjective) klein, mini

Voorbeeld:

The new parents were overjoyed with their healthy baby.
De nieuwe ouders waren dolblij met hun gezonde baby.

darling

/ˈdɑːr.lɪŋ/

(noun) lieveling, schat;

(adjective) lief, geliefd, schattig

Voorbeeld:

Come here, my darling, I've missed you.
Kom hier, mijn lieveling, ik heb je gemist.

honey

/ˈhʌn.i/

(noun) honing, schat, liefje;

(verb) overtuigen, verzachten

Voorbeeld:

She added a spoonful of honey to her tea.
Ze voegde een lepel honing toe aan haar thee.

sweetheart

/ˈswiːt.hɑːrt/

(noun) schat, geliefde, lieverd;

(exclamation) schat, lieverd

Voorbeeld:

Happy Valentine's Day, my sweetheart!
Fijne Valentijnsdag, mijn schat!

blind date

/blaɪnd deɪt/

(noun) blind date, afspraakje met een onbekende

Voorbeeld:

My friend set me up on a blind date last night.
Mijn vriend heeft me gisteravond op een blind date gezet.

double date

/ˈdʌb.əl ˌdeɪt/

(noun) dubbeldate

Voorbeeld:

They decided to go on a double date to the movies.
Ze besloten om op een dubbeldate naar de film te gaan.

fond

/fɑːnd/

(adjective) dol op, liefdevol, goed

Voorbeeld:

She is very fond of her grandchildren.
Ze is erg dol op haar kleinkinderen.

soulmate

/ˈsoʊl.meɪt/

(noun) zielsverwant

Voorbeeld:

She believes she has finally found her soulmate.
Ze gelooft dat ze eindelijk haar zielsverwant heeft gevonden.

valentine

/ˈvæl.ən.taɪn/

(noun) valentijn, valentijnskaart, geliefde

Voorbeeld:

He sent her a beautiful valentine with a poem inside.
Hij stuurde haar een mooie valentijn met een gedicht erin.

romance

/roʊˈmæns/

(noun) romantiek, romance, liefdesverhaal;

(verb) romantiseren, verleiden

Voorbeeld:

Their relationship was full of romance.
Hun relatie was vol romantiek.

romantic

/roʊˈmæn.t̬ɪk/

(adjective) romantisch, idealistisch, dromerig;

(noun) romanticus

Voorbeeld:

They had a very romantic dinner by candlelight.
Ze hadden een heel romantisch diner bij kaarslicht.

attract

/əˈtrækt/

(verb) aantrekken, boeien

Voorbeeld:

Magnets attract metal objects.
Magneten trekken metalen voorwerpen aan.
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland