Vocabulaireverzameling A2 - Reizen en Toerisme 1 in Niveau A2: Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling 'A2 - Reizen en Toerisme 1' in 'Niveau A2' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren(noun) rondreis, tournee, rondleiding;
(verb) toeren, rondreizen
Voorbeeld:
(noun) toerisme
Voorbeeld:
(noun) toerist, reiziger
Voorbeeld:
(noun) sightseeing, bezienswaardigheden bekijken
Voorbeeld:
(noun) gids, handleiding;
(verb) leiden, begeleiden, sturen
Voorbeeld:
(noun) passagier, reiziger
Voorbeeld:
(noun) reiziger, passagier
Voorbeeld:
(noun) koffer, reiskoffer
Voorbeeld:
(noun) bagage, koffers, emotionele bagage
Voorbeeld:
(noun) ontvangst, receptie, feest
Voorbeeld:
(noun) eenpersoonsbed
Voorbeeld:
(noun) eenpersoonsbed
Voorbeeld:
(noun) eenpersoonskamer
Voorbeeld:
(noun) tweepersoonskamer
Voorbeeld:
(noun) luchtvaartmaatschappij
Voorbeeld:
(noun) vlucht, zwerm, trap
Voorbeeld:
(noun) hek, poort, gate;
(verb) gaten, regelen
Voorbeeld:
(adjective) internationaal;
(noun) interland, internationale wedstrijd
Voorbeeld:
(noun) zitplaats, stoel, zetel;
(verb) plaatsen, doen zitten
Voorbeeld:
(noun) instapkaart, boardingpass
Voorbeeld:
(noun) retourkaartje
Voorbeeld:
(noun) enkele reis, enkel ticket
Voorbeeld:
(noun) boek, register;
(verb) boeken, reserveren, registreren
Voorbeeld:
(noun) openbaar vervoer
Voorbeeld:
(noun) metro, ondergrondse
Voorbeeld:
(noun) platform, perron, programma
Voorbeeld:
(noun) spoorweg, spoorlijn, spoorwegnet;
(verb) erdoorheen jagen, dwingen
Voorbeeld:
(noun) tarief, prijs, kost;
(verb) presteren, gaan
Voorbeeld:
(noun) route, weg;
(verb) routeren, leiden
Voorbeeld:
(verb) rijden, nemen;
(noun) rit, tocht, lift
Voorbeeld:
(verb) vangen, grijpen, betrappen;
(noun) vangbal, vangspel, addertje onder het gras
Voorbeeld:
(verb) missen, vermissen, verlangen naar;
(noun) mevrouw, juffrouw
Voorbeeld:
(verb) verwelkomen, begroeten;
(exclamation) welkom;
(adjective) welkom, aangenaam;
(noun) welkom, ontvangst
Voorbeeld:
(noun) manier, wijze, weg;
(adverb) veel, erg
Voorbeeld: