Vocabulaireverzameling Basis 2 in Dag 9 - De economie nieuw leven inblazen: Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling 'Basis 2' in 'Dag 9 - De economie nieuw leven inblazen' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren(plural noun) kantooruren, openingstijden
Voorbeeld:
(verb) werpen, gooien, uitbrengen;
(noun) cast, rolbezetting, gietstuk
Voorbeeld:
(abbreviation) CEO, algemeen directeur
Voorbeeld:
(noun) onderneming, project, bedrijf
Voorbeeld:
(adjective) stevig, vast, standvastig;
(noun) bedrijf, firma;
(verb) verstevigen, harder maken
Voorbeeld:
(noun) franchise, licentie, stemrecht;
(verb) franchisen, licentiëren, stemrecht verlenen
Voorbeeld:
(adjective) mooi uitziend, aantrekkelijk
Voorbeeld:
(pronoun) genoeg, overvloed;
(adverb) ruim, voldoende
Voorbeeld:
(phrasal verb) versnellen, vaart maken
Voorbeeld:
(noun) handel, trading;
(verb) handelend, verhandelend
Voorbeeld:
(noun) begin, aanvang, eerste deel
Voorbeeld:
(collocation) bijdrage aan
Voorbeeld:
(adjective) handig, gemakkelijk, gebruiksvriendelijk
Voorbeeld:
(adverb) anders, op een andere manier
Voorbeeld:
(noun) economie, zuinigheid, besparing
Voorbeeld:
(adverb) formeel, officieel, stijf
Voorbeeld:
(adjective) industrieel, voor de industrie
Voorbeeld:
(adverb) lichtjes, zachtjes, licht
Voorbeeld:
(verb) fuseren, samenvoegen, verenigen
Voorbeeld:
(phrase) niet A maar B
Voorbeeld:
(adjective) optimistisch
Voorbeeld:
(adjective) algemeen, totaal;
(adverb) over het algemeen, in het algemeen;
(noun) overall, tuinbroek
Voorbeeld:
(noun) mogelijkheid, optie, kans
Voorbeeld:
(adjective) privé, persoonlijk, privaat;
(noun) soldaat, rekruut
Voorbeeld:
(verb) rijzen, stijgen, opgaan;
(noun) stijging, opkomst, verhoging
Voorbeeld:
(noun) situatie, toestand, omstandigheid
Voorbeeld:
(verb) versterken, aansterken
Voorbeeld:
(adverb) op en neer, heen en weer;
(phrase) overal in, langs de hele
Voorbeeld: