Vocabulaireverzameling B2 - Ik koos niet voor het stadsleven! in Niveau B2: Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling 'B2 - Ik koos niet voor het stadsleven!' in 'Niveau B2' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren(adjective) verlaten, achtergelaten, onbelemmerd
Voorbeeld:
(adjective) klassiek, typisch
Voorbeeld:
(adjective) extern, uitwendig, van buitenaf
Voorbeeld:
(adjective) industrieel, voor de industrie
Voorbeeld:
(adjective) open, open-plan
Voorbeeld:
(adjective) ruim, spacieus
Voorbeeld:
(verb) bouwen, construeren, opbouwen;
(noun) construct, bouwsel
Voorbeeld:
(noun) baksteen, bouwsteen, speelgoedblok;
(verb) bricken, onbruikbaar maken
Voorbeeld:
(noun) kolom, zuil, pilaar
Voorbeeld:
(noun) beton;
(adjective) concreet, tastbaar;
(verb) betonneren
Voorbeeld:
(noun) ontwikkeling, gebeurtenis, wijk
Voorbeeld:
(noun) graver, delver, graafmachine
Voorbeeld:
(noun) doorgang, passage, fragment
Voorbeeld:
(noun) uitgang, uitrit, vertrek;
(verb) verlaten, uitgaan
Voorbeeld:
(noun) hut, barak
Voorbeeld:
(noun) niveau, peil, vlak;
(adjective) vlak, waterpas;
(verb) egaliseren, vlak maken
Voorbeeld:
(verb) herbouwen, wederopbouwen, herstellen
Voorbeeld:
(noun) ruïne, ondergang, verwoesting;
(verb) ruïneren, verwoesten, verpesten
Voorbeeld:
(noun) beperking, beteugeling, rem;
(verb) beteugelen, beperken, inperken
Voorbeeld:
(noun) stortplaats, vuilnisbelt;
(verb) storten, begraven
Voorbeeld:
(noun) riool, afvoerbuis
Voorbeeld:
(noun) oriëntatiepunt, herkenningspunt, mijlpaal;
(adjective) baanbrekend, historisch
Voorbeeld:
(noun) monument, gedenkteken, blijvend bewijs
Voorbeeld:
(noun) casino, speelhal
Voorbeeld:
(noun) gerechtsgebouw, rechtbank
Voorbeeld:
(noun) disco, discotheek, discomuziek;
(verb) discoën, dansen in een disco
Voorbeeld:
(noun) verpleeghuis, bejaardentehuis
Voorbeeld:
(noun) schoolgebouw, schoolhuis
Voorbeeld:
(noun) structuur, opbouw, bouwwerk;
(verb) structureren, opbouwen
Voorbeeld:
(noun) gemeentehuis, stadhuis
Voorbeeld:
(noun) uitvaartcentrum, uitvaartonderneming
Voorbeeld:
(noun) kerkhof, begraafplaats, stortplaats
Voorbeeld:
(noun) graf, tombe;
(verb) begraven, ter aarde bestellen
Voorbeeld: