Betekenis van het woord practise in het Nederlands

Wat betekent practise in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

practise

US /ˈpræk.tɪs/
UK /ˈpræk.tɪs/
"practise" picture

Werkwoord

1.

oefenen, trainen

perform (an activity) repeatedly so as to improve or maintain one's proficiency

Voorbeeld:
You need to practise every day to get better at playing the piano.
Je moet elke dag oefenen om beter te worden in pianospelen.
She practises her dance moves in front of the mirror.
Ze oefent haar danspassen voor de spiegel.
2.

uitoefenen, beoefenen

carry out or perform (a particular activity, method, or custom) habitually or regularly

Voorbeeld:
Doctors are expected to practise medicine ethically.
Van artsen wordt verwacht dat ze de geneeskunde ethisch uitoefenen.
Many cultures still practise ancient rituals.
Veel culturen beoefenen nog steeds oude rituelen.