Vocabulaireverzameling 800 punten in Dag 1 - Ontsnappen aan werkloosheid: Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling '800 punten' in 'Dag 1 - Ontsnappen aan werkloosheid' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren(phrase) je doel bereiken, je doel verwezenlijken
Voorbeeld:
(noun) leerling, stagiair;
(verb) in de leer doen, opleiden
Voorbeeld:
(verb) formeel kleden, netjes kleden
Voorbeeld:
(phrase) gekleed in een pak
Voorbeeld:
(phrasal verb) uitzoeken, begrijpen, oplossen
Voorbeeld:
(noun) fulltime werk, voltijdse baan
Voorbeeld:
(noun) vacature, baanmogelijkheid, werkgelegenheid
Voorbeeld:
(noun) zoektocht naar een baan, sollicitatieproces
Voorbeeld:
(noun) werkzoekende, sollicitant
Voorbeeld:
(phrasal verb) uitspreiden, uitleggen, uitstippelen
Voorbeeld:
(noun) aanbevelingsbrief, referentiebrief
Voorbeeld:
(noun) salarisverhoging, loonsverhoging
Voorbeeld:
(noun) praktische ervaring
Voorbeeld:
(noun) bewijs van werkgelegenheid, werkgeversverklaring
Voorbeeld:
(verb) opnieuw aanbrengen, heraanbrengen, opnieuw aanvragen
Voorbeeld:
(noun) aanbevelingsbrief
Voorbeeld:
(noun) referentiebrief, aanbevelingsbrief
Voorbeeld:
(phrasal verb) wegsturen naar, verzenden naar
Voorbeeld:
(phrase) een interview regelen, een gesprek inplannen
Voorbeeld:
(phrase) een examen afleggen, examen doen
Voorbeeld:
(noun) trainingscentrum
Voorbeeld:
(noun) wachtkamer
Voorbeeld:
(adjective) goed opgeleid, hoogopgeleid
Voorbeeld:
(noun) werkstation, werkplek
Voorbeeld:
(adjective) ijverig, enthousiast, vurig
Voorbeeld:
(noun) sollicitatiebrief, aanbiedingsbrief
Voorbeeld:
(adjective) toegewijd, devoot
Voorbeeld:
(adjective) energiek, levendig
Voorbeeld:
(adjective) enthousiast
Voorbeeld:
(verb) uitblinken, excelleren;
(trademark) Excel, Microsoft Excel
Voorbeeld:
(verb) uitsluiten, buitensluiten, weglaten
Voorbeeld:
(adverb) vloeiend, gemakkelijk
Voorbeeld:
(phrasal verb) doorkomen, overleven, doorverbonden worden
Voorbeeld:
(noun) wedstrijd, match, lucifer;
(verb) overeenkomen, passen bij, matchen
Voorbeeld:
(noun) noodzaak, behoefte, benodigdheid
Voorbeeld:
(noun) kwalificatie, diploma, bekwaamheid
Voorbeeld:
(adjective) relevant, ter zake doende, passend
Voorbeeld:
(phrasal verb) zich aanmelden voor, zich inschrijven voor
Voorbeeld:
(adjective) getalenteerd, begaafd
Voorbeeld:
(noun) bezoek;
(verb) bezoeken;
(adjective) bezoekend, gast-
Voorbeeld:
(noun) personeelsbestand, beroepsbevolking, arbeidskrachten
Voorbeeld:
(phrase) het publiek toespreken, zich tot het publiek richten
Voorbeeld:
(phrase) beïnvloed worden door uiterlijk, zich laten leiden door de buitenkant
Voorbeeld:
(adjective) tweetalig;
(noun) tweetalige
Voorbeeld:
(noun) curriculum vitae, cv
Voorbeeld:
(noun) diploma
Voorbeeld:
(noun) uithoudingsvermogen, duurzaamheid, volharding
Voorbeeld:
(adjective) extern, uitwendig, van buitenaf
Voorbeeld:
(noun) vloeiendheid, taalvaardigheid, soepelheid
Voorbeeld:
(phrase) vloeiend in
Voorbeeld:
(noun) personeelszaken, human resources, menselijke hulpbronnen
Voorbeeld:
(adverb) onjuist, ongepast, onbehoorlijk
Voorbeeld:
(phrase) op een positieve manier, positief
Voorbeeld:
(phrase) op het gebied van, in de sector van
Voorbeeld:
(noun) onervarenheid
Voorbeeld:
(phrase) zelfvertrouwen missen, gebrek aan zelfvertrouwen hebben
Voorbeeld:
(idiom) iets tot een vaste gewoonte maken
Voorbeeld:
(phrase) zich committeren aan, zich verbinden aan
Voorbeeld:
(idiom) er een punt van maken, zorgen dat
Voorbeeld:
(noun) arbeidskrachten, personeel, manpower
Voorbeeld:
(noun) masterdiploma, mastergraad
Voorbeeld:
(noun) beginner, nieuweling
Voorbeeld:
(noun) salaris, loonstrookje
Voorbeeld:
(noun) zelfmotivatie
Voorbeeld:
(phrase) een melding sturen, een notificatie verzenden
Voorbeeld:
(noun) vacature, openstaande functie, leegte
Voorbeeld:
(adjective) gezocht, gewenst, nodig;
(past participle) gewild
Voorbeeld:
(noun) arbeidsverleden, werkervaring
Voorbeeld: