Avatar of Vocabulary Set Hulpbronnen en voedsel

Vocabulaireverzameling Hulpbronnen en voedsel in SAT-woordenschat gerelateerd aan de geesteswetenschappen: Volledige en gedetailleerde lijst

De vocabulaireverzameling 'Hulpbronnen en voedsel' in 'SAT-woordenschat gerelateerd aan de geesteswetenschappen' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...

Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland

Nu leren

quota

/ˈkwoʊ.t̬ə/

(noun) quotum, aandeel, limiet

Voorbeeld:

Each country has a quota for carbon emissions.
Elk land heeft een quotum voor koolstofemissies.

consumption

/kənˈsʌmp.ʃən/

(noun) verbruik, consumptie, inname

Voorbeeld:

Water consumption increases during summer.
Waterverbruik neemt toe in de zomer.

replenishment

/rɪˈplen.ɪʃ.mənt/

(noun) aanvulling, aanvullen, bijvullen

Voorbeeld:

The store needs a quick replenishment of its popular items.
De winkel heeft een snelle aanvulling nodig van zijn populaire artikelen.

availability

/əˌveɪ.ləˈbɪl.ə.t̬i/

(noun) beschikbaarheid, verkrijgbaarheid, vrije tijd

Voorbeeld:

The availability of fresh water is crucial for survival.
De beschikbaarheid van zoet water is cruciaal voor overleving.

alms

/ɑːmz/

(plural noun) aalmoezen

Voorbeeld:

In many cultures, it is a religious duty to give alms to the needy.
In veel culturen is het een religieuze plicht om aalmoezen aan de behoeftigen te geven.

resource

/ˈriː.sɔːrs/

(noun) middel, hulpbron, vindingrijkheid;

(verb) voorzien van middelen, uitrusten

Voorbeeld:

The company has limited financial resources.
Het bedrijf heeft beperkte financiële middelen.

allowance

/əˈlaʊ.əns/

(noun) toelage, vergoeding, zakgeld

Voorbeeld:

My parents give me a weekly allowance.
Mijn ouders geven me een wekelijkse toelage.

deprivation

/ˌdep.rəˈveɪ.ʃən/

(noun) ontbering, tekort, beroving

Voorbeeld:

Sleep deprivation can lead to serious health problems.
Slaaptekort kan leiden tot ernstige gezondheidsproblemen.

famine

/ˈfæm.ɪn/

(noun) hongersnood, voedselschaarste

Voorbeeld:

The country is facing a severe famine after years of drought.
Het land wordt geconfronteerd met een ernstige hongersnood na jaren van droogte.

starvation

/stɑːrˈveɪ.ʃən/

(noun) hongersnood, verhongering

Voorbeeld:

Millions of people face starvation due to the ongoing drought.
Miljoenen mensen worden geconfronteerd met hongersnood als gevolg van de aanhoudende droogte.

parcel

/ˈpɑːr.səl/

(noun) pakket, pakje, perceel;

(verb) verpakken, inpakken

Voorbeeld:

She received a large parcel in the mail.
Ze ontving een groot pakket per post.

forage

/ˈfɔːr.ɪdʒ/

(verb) foerageren, zoeken naar voedsel;

(noun) voer, foerage

Voorbeeld:

The pigs were allowed to forage in the woods.
De varkens mochten foerageren in het bos.

scavenge

/ˈskæv.ɪndʒ/

(verb) schuimen, verzamelen, zoeken

Voorbeeld:

People often scavenge for food in the dump.
Mensen schuimen vaak de vuilnisbelt af naar voedsel.

deplete

/dɪˈpliːt/

(verb) uitputten, verbruiken, uitmergelen

Voorbeeld:

The prolonged drought has depleted the region's water reserves.
De langdurige droogte heeft de waterreserves van de regio uitgeput.

squander

/ˈskwɑːn.dɚ/

(verb) verkwisten, verspillen

Voorbeeld:

They squandered all their savings on a failed business venture.
Ze verkwistten al hun spaargeld aan een mislukt zakelijk avontuur.

expend

/ɪkˈspend/

(verb) besteden, verbruiken

Voorbeeld:

Governments expend huge sums of money on healthcare.
Overheden besteden enorme bedragen aan de gezondheidszorg.

allot

/əˈlɑːt/

(verb) toewijzen, verdelen, toekennen

Voorbeeld:

The committee will allot funds for the new project.
De commissie zal fondsen toewijzen voor het nieuwe project.

allocate

/ˈæl.ə.keɪt/

(verb) toewijzen, toedelen

Voorbeeld:

The government decided to allocate more funds to education.
De overheid besloot meer middelen toe te wijzen aan onderwijs.

inexhaustible

/ˌɪn.ɪɡˈzɑː.stə.bəl/

(adjective) onuitputtelijk, onbeperkt

Voorbeeld:

The sun is an inexhaustible source of energy.
De zon is een onuitputtelijke energiebron.

thrifty

/ˈθrɪf.ti/

(adjective) zuinig, spaarzaam

Voorbeeld:

She's a very thrifty shopper, always looking for the best deals.
Ze is een zeer zuinige shopper, altijd op zoek naar de beste aanbiedingen.

cost-effective

/ˌkɔst ɪˈfɛktɪv/

(adjective) kosteneffectief, rendabel

Voorbeeld:

Investing in energy-efficient appliances is a cost-effective way to save money.
Investeren in energiezuinige apparaten is een kosteneffectieve manier om geld te besparen.

convenient

/kənˈviː.ni.ənt/

(adjective) handig, gemakkelijk, gebruiksvriendelijk

Voorbeeld:

It's very convenient to have a supermarket nearby.
Het is erg handig om een supermarkt in de buurt te hebben.

reusable

/ˌriːˈjuː.zə.bəl/

(adjective) herbruikbaar

Voorbeeld:

Please bring your own reusable bags when you go shopping.
Neem alstublieft uw eigen herbruikbare tassen mee als u gaat winkelen.

non-renewable

/ˌnɑːn.rɪˈnuː.ə.bəl/

(adjective) niet-hernieuwbaar

Voorbeeld:

Fossil fuels are a prime example of a non-renewable resource.
Fossiele brandstoffen zijn een schoolvoorbeeld van een niet-hernieuwbare hulpbron.

supplemental

/ˌsʌp.ləˈmen.t̬əl/

(adjective) aanvullend, extra

Voorbeeld:

The teacher provided supplemental materials for students who needed extra help.
De leraar verstrekte aanvullende materialen voor studenten die extra hulp nodig hadden.

pastry

/ˈpeɪ.stri/

(noun) deeg, gebak, patisserie

Voorbeeld:

She made a delicious apple pie with a flaky pastry crust.
Ze maakte een heerlijke appeltaart met een schilferige deegkorst.

dumpling

/ˈdʌm.plɪŋ/

(noun) dumpling, knoedel, dikkerdje

Voorbeeld:

My grandmother makes the best chicken and dumplings.
Mijn grootmoeder maakt de beste kip en dumplings.

broth

/brɑːθ/

(noun) bouillon, soep

Voorbeeld:

She made a delicious chicken broth for dinner.
Ze maakte een heerlijke kippenbouillon voor het avondeten.

gruel

/ˈɡruː.əl/

(noun) pap, grutten

Voorbeeld:

The prisoner was given a bowl of watery gruel for his meal.
De gevangene kreeg een kom waterige pap voor zijn maaltijd.

kernel

/ˈkɝː.nəl/

fudge

/fʌdʒ/

(noun) fudge, karamel;

(verb) verdoezelen, ontwijken, manipuleren;

(exclamation) verdorie, bah

Voorbeeld:

She made a batch of chocolate fudge for the party.
Ze maakte een partij chocolade fudge voor het feest.

liquor

/ˈlɪk.ɚ/

(noun) drank, alcohol, kookvocht

Voorbeeld:

He prefers hard liquor over beer or wine.
Hij verkiest sterke drank boven bier of wijn.

minestrone

/ˌmɪn.əˈstroʊ.ni/

(noun) minestrone

Voorbeeld:

I ordered a bowl of hot minestrone on a cold day.
Ik bestelde een kom hete minestrone op een koude dag.

veal

/viːl/

(noun) kalfsvlees

Voorbeeld:

The restaurant specializes in Italian dishes, including delicious veal scaloppine.
Het restaurant is gespecialiseerd in Italiaanse gerechten, waaronder heerlijke kalfsschnitzel.

leavening

/ˈlev.ən.ɪŋ/

(noun) rijsmiddel, gist, verlichting;

(verb) doen rijzen, verlichten

Voorbeeld:

Yeast is a common leavening agent used in bread making.
Gist is een veelgebruikt rijsmiddel bij het maken van brood.

brisket

/ˈbrɪs.kɪt/

(noun) borststuk, runderborst

Voorbeeld:

We smoked a whole beef brisket for twelve hours.
We hebben een hele runderborst twaalf uur gerookt.

staple

/ˈsteɪ.pəl/

(noun) basis, hoofdbestanddeel, nietje;

(verb) nieten, vastnieten;

(adjective) standaard, essentieel

Voorbeeld:

Rice is a staple food in many Asian countries.
Rijst is een basisvoedsel in veel Aziatische landen.

purée

/ˌpjʊˈreɪ/

(noun) puree;

(verb) purere, fijnprakken

Voorbeeld:

She made a delicious apple purée for the baby.
Ze maakte een heerlijke appelpuree voor de baby.

batter

/ˈbæt̬.ɚ/

(noun) beslag, slagman;

(verb) beuken, rammen, beschadigen

Voorbeeld:

She dipped the fish in the batter before frying it.
Ze doopte de vis in het beslag voordat ze hem bakte.

ingredient

/ɪnˈɡriː.di.ənt/

(noun) ingrediënt, bestanddeel, factor

Voorbeeld:

The main ingredient of this cake is flour.
Het belangrijkste ingrediënt van deze cake is bloem.

entree

/ˈɑːn.treɪ/

(noun) hoofdgerecht, toegang, entree

Voorbeeld:

For my entrée, I chose the grilled salmon.
Als hoofdgerecht koos ik de gegrilde zalm.

catering

/ˈkeɪ.t̬ɚ.ɪŋ/

(noun) catering, voedselvoorziening

Voorbeeld:

The wedding catering was excellent, everyone loved the food.
De bruiloftscatering was uitstekend, iedereen vond het eten heerlijk.

cuisine

/kwɪˈziːn/

(noun) keuken, kookkunst

Voorbeeld:

French cuisine is known for its rich sauces and delicate pastries.
De Franse keuken staat bekend om zijn rijke sauzen en delicate gebakjes.

crave

/kreɪv/

(verb) hunkeren naar, snakken naar, begeren

Voorbeeld:

Many pregnant women crave strange foods like pickles and ice cream.
Veel zwangere vrouwen snakken naar vreemd voedsel zoals augurken en ijs.

gorge

/ɡɔːrdʒ/

(noun) kloof, ravijn;

(verb) volproppen, schrokken

Voorbeeld:

The river carved a deep gorge through the mountains.
De rivier sneed een diepe kloof door de bergen.

devour

/dɪˈvaʊ.ɚ/

(verb) verslinden, opslokken, verteren

Voorbeeld:

He devoured the entire pizza in minutes.
Hij verslond de hele pizza in minuten.

gobble

/ˈɡɑː.bəl/

(verb) schrokken, opschrokken, kalkoenen;

(noun) kalkoengeluid

Voorbeeld:

The children gobbled down their dinner.
De kinderen schrokken hun avondeten naar binnen.

masticate

/ˈmæs.tɪ.keɪt/

(verb) kauwen

Voorbeeld:

It is important to masticate your food thoroughly before swallowing.
Het is belangrijk om je voedsel grondig te kauwen voordat je het doorslikt.

chomp

/tʃɑːmp/

(verb) kauwen, happen;

(noun) hap, kauw

Voorbeeld:

The horse began to chomp on the hay.
Het paard begon luidruchtig op het hooi te kauwen.

culinary

/ˈkʌl.ə.ner.i/

(adjective) culinair, kook-

Voorbeeld:

She has a passion for culinary arts.
Ze heeft een passie voor culinaire kunsten.

ravenous

/ˈræv.ən.əs/

(adjective) hongerig, gulzig, onverzadigbaar

Voorbeeld:

After a long hike, I was absolutely ravenous.
Na een lange wandeling was ik absoluut hongerig.
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland