Vocabulaireverzameling Dieren in Niveau C2: Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling 'Dieren' in 'Niveau C2' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren(adjective) schemerig, schemer-, schemeractief
Voorbeeld:
(adjective) eierleggend, ovipaar
Voorbeeld:
(adjective) aapachtig, simiaan;
(noun) aap, primaat
Voorbeeld:
(adjective) boomachtig, boom-, boomlevend
Voorbeeld:
(adjective) equine, paardachtig;
(noun) paard, paardachtige
Voorbeeld:
(adjective) aards, terrestrisch, landbewonend;
(noun) aardbewoner, terrestrisch wezen
Voorbeeld:
(adjective) tam, saai;
(verb) temmen, bedwingen, beheersen
Voorbeeld:
(adjective) nachtelijk, nachtactief
Voorbeeld:
(adjective) rundvee-, rund-, van de onderfamilie Bovinae
Voorbeeld:
(adjective) vogel-, aviair
Voorbeeld:
(adjective) levendbarend
Voorbeeld:
(adjective) dagelijks, dagactief
Voorbeeld:
(adjective) ovovivipaar
Voorbeeld:
(adjective) insectenetend, insectivoor
Voorbeeld:
(adjective) honden-, canine;
(noun) hondachtige, hond, hoektand
Voorbeeld:
(noun) zomerslaap, estivatie
Voorbeeld:
(noun) hol, burcht;
(verb) graven, holen, zich verstoppen
Voorbeeld:
(noun) omnivoren, alleseter
Voorbeeld:
(noun) broedsel, kroost;
(verb) piekeren, tobben, grubbelen
Voorbeeld:
(noun) nijptang, tang, schaar;
(verb) klemmen, omsingelen
Voorbeeld:
(noun) hoektand, slagtand
Voorbeeld:
(noun) school, zwerm, ondiepte;
(verb) ondieper worden, verlanden, scholen
Voorbeeld:
(noun) fauna, dierenwereld
Voorbeeld:
(noun) zoöplankton
Voorbeeld:
(noun) walachtige, walvisachtige
Voorbeeld:
(verb) grazen, schampen, raken;
(noun) schaafwond, schram
Voorbeeld:
(verb) gooien, bekogelen, neerplenzen;
(noun) vacht, huid
Voorbeeld: