Vocabulaireverzameling Muren in Architectuur en Constructie: Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling 'Muren' in 'Architectuur en Constructie' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren(noun) zolder
Voorbeeld:
(noun) haakje, haakjes, beugel;
(verb) tussen haakjes plaatsen, eensluiten, groeperen
Voorbeeld:
(noun) borstwering, parapet
Voorbeeld:
(noun) wal, vestingmuur, bolwerk
Voorbeeld:
(noun) borst, boezem;
(verb) trotseren, doorbreken
Voorbeeld:
(noun) kraagsteen, console;
(verb) kraagstenen, ondersteunen met kraagstenen
Voorbeeld:
(noun) niche, geschikte plaats, nis;
(adjective) niche, gespecialiseerd
Voorbeeld:
(verb) onthullen, bekendmaken, tonen
Voorbeeld:
(verb) spreiden, uitspreiden, verbreden;
(noun) uitloop, spreiding;
(adjective) uitgespreid, wijd
Voorbeeld:
(verb) knijpen, scheel kijken;
(noun) oogopslag, scheelzien, scheelstand
Voorbeeld:
(noun) grondwaterstand
Voorbeeld:
(noun) band, strook, bereik;
(verb) banden, vastbinden, verenigen
Voorbeeld:
(noun) bakstenen muur, metselwerk, onoverkomelijk obstakel
Voorbeeld:
(noun) glazen wand, glazen muur
Voorbeeld:
(noun) groene wand, verticale tuin
Voorbeeld:
(verb) omgaan met, aankunnen;
(noun) coping, omgaan
Voorbeeld:
(noun) pet, muts, dop;
(verb) dichten, afsluiten, maximeren
Voorbeeld:
(noun) lambrisering;
(verb) lambriseren, betimmeren
Voorbeeld:
(noun) lambrisering, betimmering
Voorbeeld:
(noun) verdeling, scheiding, scheidingswand;
(verb) verdelen, scheiden
Voorbeeld:
(noun) scheidsmuur, gemene muur
Voorbeeld:
(noun) reces, pauze, schorsing;
(verb) verdiepen, terugtrekken, inbouwen
Voorbeeld:
(noun) scheidingswand, verdeler, scheider
Voorbeeld:
(noun) druppel, lek;
(verb) druppelen, lekken
Voorbeeld:
(noun) grille, rooster
Voorbeeld:
(noun) geveltop, puntgevel
Voorbeeld: