Vocabulaireverzameling Communiceren in Geavanceerde woordenschat voor TOEFL: Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling 'Communiceren' in 'Geavanceerde woordenschat voor TOEFL' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren(abbreviation) ADSL, Asymmetrische Digitale Subscriber Line
Voorbeeld:
(noun) drager, vervoerder, provider
Voorbeeld:
(noun) netnummer
Voorbeeld:
(noun) verlenging, uitbreiding, aanbouw
Voorbeeld:
(noun) nummerweergave, beller-ID
Voorbeeld:
(noun) oproep in wacht, wachtstand
Voorbeeld:
(noun) domein, gebied, vakgebied
Voorbeeld:
(abbreviation) HTML, HyperText Markup Language
Voorbeeld:
(noun) em (typografische eenheid)
Voorbeeld:
(noun) hypertext
Voorbeeld:
(noun) IP-adres
Voorbeeld:
(noun) internetprovider, internet service provider
Voorbeeld:
(noun) hotspot, brandpunt, Wi-Fi hotspot
Voorbeeld:
(abbreviation) MMS, Multimedia Messaging Service
Voorbeeld:
(noun) sms, tekstbericht;
(verb) sms'en, een sms sturen
Voorbeeld:
(noun) telegraaf;
(verb) telegraferen, verraden, aankondigen
Voorbeeld:
(noun) intercom, huistelefoon
Voorbeeld:
(noun) teleconferentie;
(verb) teleconfereren
Voorbeeld:
(noun) telefooncel, openbare telefoon
Voorbeeld:
(noun) advertentieblokker, adblocker
Voorbeeld:
(noun) koekje, cookie
Voorbeeld:
(verb) stuiteren, terugkaatsen, springen;
(noun) stuiter, terugkaatsing, opleving
Voorbeeld:
(noun) ping, kling, netwerksignaal;
(verb) pingen, klinken, controleren op aanwezigheid
Voorbeeld:
(noun) carbon copy, doorslag, dubbelganger
Voorbeeld:
(noun) ego-surfen, zelfgoogelen;
(verb) ego-surfen, zelfgoogelen
Voorbeeld:
(noun) handvat, greep;
(verb) behandelen, omgaan met
Voorbeeld:
(noun) hashtag;
(verb) hashtagen
Voorbeeld:
(noun) mailinglijst, adressenlijst
Voorbeeld:
(noun) hotline, hulplijn
Voorbeeld:
(noun) spammer
Voorbeeld:
(noun) trol, internet-trol;
(verb) trollen, pesten online
Voorbeeld:
(verb) op de loer liggen, schuilen, verborgen zijn
Voorbeeld:
(noun) spoofing, vervalsing, parodie
Voorbeeld: