Avatar of Vocabulary Set Aanraken en vasthouden

Vocabulaireverzameling Aanraken en vasthouden in IELTS Academische Woordenschat (Band 6-7): Volledige en gedetailleerde lijst

De vocabulaireverzameling 'Aanraken en vasthouden' in 'IELTS Academische Woordenschat (Band 6-7)' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...

Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland

Nu leren

grasp

/ɡræsp/

(noun) greep, vat, begrip;

(verb) grijpen, vastpakken, begrijpen

Voorbeeld:

He released his grasp on the rope.
Hij liet zijn greep op het touw los.

clutch

/klʌtʃ/

(noun) greep, vastpakken, koppeling;

(verb) grijpen, vastpakken;

(adjective) cruciaal, beslissend

Voorbeeld:

He lost his clutch on the steering wheel.
Hij verloor zijn greep op het stuur.

grip

/ɡrɪp/

(noun) grip, houvast, greep;

(verb) grijpen, vastpakken, aangrijpen

Voorbeeld:

He lost his grip on the rope and fell.
Hij verloor zijn grip op het touw en viel.

clasp

/klæsp/

(noun) sluiting, gesp, greep;

(verb) vastgrijpen, klemmen, vastmaken

Voorbeeld:

She fastened the necklace with a delicate gold clasp.
Ze maakte de ketting vast met een delicate gouden sluiting.

pinch

/pɪntʃ/

(noun) snufje, vleugje, kneep;

(verb) knijpen, knellen, stelen

Voorbeeld:

Add a pinch of salt to the soup.
Voeg een snufje zout toe aan de soep.

stroke

/stroʊk/

(noun) slag, streek, beroerte;

(verb) aaien, strelen, slaan

Voorbeeld:

He delivered a powerful stroke with his tennis racket.
Hij gaf een krachtige slag met zijn tennisracket.

pet

/pet/

(noun) huisdier, lieveling, oogappel;

(verb) aaien, strelen;

(adjective) huisdier-, tam

Voorbeeld:

My cat is a beloved pet.
Mijn kat is een geliefd huisdier.

manipulate

/məˈnɪp.jə.leɪt/

(verb) manipuleren, bedienen, beïnvloeden

Voorbeeld:

He skillfully manipulated the controls of the drone.
Hij manipuleerde behendig de bedieningselementen van de drone.

fold

/foʊld/

(verb) vouwen, opvouwen, failliet gaan;

(noun) vouw, kudde, groep

Voorbeeld:

She carefully folded the letter and put it in an envelope.
Ze vouwde de brief zorgvuldig op en stopte hem in een envelop.

unfold

/ʌnˈfoʊld/

(verb) uitvouwen, ontvouwen, onthullen

Voorbeeld:

She carefully unfolded the map.
Ze vouwde de kaart voorzichtig uit.

twiddle

/ˈtwɪd.əl/

(verb) draaien, friemelen;

(noun) draai, beweging

Voorbeeld:

She sat there twiddling her thumbs while waiting for the results.
Ze zat daar met haar duimen te draaien terwijl ze op de resultaten wachtte.

fondle

/ˈfɑːn.dəl/

(verb) strelen, betasten, koesteren

Voorbeeld:

She gently fondled the baby's head.
Ze streelde zachtjes over het hoofdje van de baby.

fiddle

/ˈfɪd.əl/

(noun) viool, vedel;

(verb) viool spelen, vedelen, friemelen

Voorbeeld:

He played a lively tune on his fiddle.
Hij speelde een levendig deuntje op zijn viool.

seize

/siːz/

(verb) grijpen, in beslag nemen, pakken

Voorbeeld:

She tried to seize the opportunity.
Ze probeerde de kans te grijpen.

tweak

/twiːk/

(verb) aanpassen, verfijnen, verstrikken;

(noun) aanpassing, verfijning, trek

Voorbeeld:

You might need to tweak the settings a bit to get the best performance.
Je moet de instellingen misschien een beetje aanpassen om de beste prestaties te krijgen.

clench

/klentʃ/

(verb) ballen, klemmen;

(noun) greep, klem

Voorbeeld:

He began to clench his fists in anger.
Hij begon zijn vuisten te ballen van woede.
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland