Vocabulaireverzameling Eenheid 8: De Wereld van Werk in Graad 12: Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling 'Eenheid 8: De Wereld van Werk' in 'Graad 12' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren(adjective) academisch, onderwijskundig, theoretisch;
(noun) academicus, wetenschapper
Voorbeeld:
(noun) beheerder, administrateur, executeur
Voorbeeld:
(verb) uitlijnen, op één lijn brengen, afstemmen
Voorbeeld:
(verb) solliciteren, aanvragen, aanbrengen
Voorbeeld:
(noun) leerling, stagiair;
(verb) in de leer doen, opleiden
Voorbeeld:
(adjective) toegankelijk, benaderbaar, bereikbaar
Voorbeeld:
(adjective) welbespraakt, duidelijk;
(verb) verwoorden, uitspreken, scharnieren
Voorbeeld:
(noun) faillissement
Voorbeeld:
(noun) kandidaat, examinandus
Voorbeeld:
(adjective) rommelig, overvol
Voorbeeld:
(adjective) medelevend, barmhartig
Voorbeeld:
(adjective) competitief, concurrerend, strijdlustig
Voorbeeld:
(noun) sollicitatiebrief, aanbiedingsbrief
Voorbeeld:
(abbreviation) cv, curriculum vitae
Voorbeeld:
(noun) dealer, autodealer
Voorbeeld:
(verb) aantonen, bewijzen, demonstreren
Voorbeeld:
(adjective) ijverig, vlijtig, nauwgezet
Voorbeeld:
(noun) ontslag, afwijzing, afzetting
Voorbeeld:
(noun) ondernemer
Voorbeeld:
(adjective) onvolledig, onaf
Voorbeeld:
(noun) pensioen;
(verb) pensioneren, met pensioen sturen
Voorbeeld:
(adjective) potentieel, mogelijke;
(noun) potentieel, mogelijkheden
Voorbeeld:
(verb) prioriteren, voorrang geven aan
Voorbeeld:
(noun) proeftijd, voorwaardelijke invrijheidstelling, proefperiode
Voorbeeld:
(noun) beroep, vak, verklaring
Voorbeeld:
(noun) kwalificatie, diploma, bekwaamheid
Voorbeeld:
(adjective) reëel, praktisch
Voorbeeld:
(noun) rekruut, dienstplichtige, nieuwe medewerker;
(verb) rekruteren, werven, vormen
Voorbeeld:
(adjective) relevant, ter zake doende, passend
Voorbeeld:
(noun) inkomsten, omzet
Voorbeeld:
(noun) salaris, loon
Voorbeeld:
(adjective) zelfgemotiveerd
Voorbeeld:
(noun) shortlist, kandidatenlijst;
(verb) shortlisten, op de shortlist plaatsen
Voorbeeld:
(verb) specialiseren, zich toeleggen op
Voorbeeld:
(noun) woordvoerder
Voorbeeld:
(noun) collegegeld, lesgeld, onderwijs
Voorbeeld:
(noun) omwenteling, verandering, beroering
Voorbeeld:
(noun) loon, salaris;
(verb) voeren, uitvoeren
Voorbeeld:
(adjective) welbespraakt, welsprekend
Voorbeeld:
(noun) werkervaring, beroepservaring, werkervaringsplaats
Voorbeeld: