Vocabulaireverzameling C1 - Bespreek het verder! in Niveau C1: Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling 'C1 - Bespreek het verder!' in 'Niveau C1' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren(verb) generaliseren, veralgemenen, verspreiden
Voorbeeld:
(phrasal verb) ingaan tegen, zich verzetten tegen
Voorbeeld:
(verb) inroepen, aanhalen, zich beroepen op
Voorbeeld:
(verb) smeken, pleiten, verdedigen
Voorbeeld:
(noun) punt, uiteinde, plaats;
(verb) wijzen, aanduiden, richten
Voorbeeld:
(noun) vooroordeel, nadeel, schade;
(verb) benadelen, schaden
Voorbeeld:
(verb) uitlokken, provoceren, aanzetten tot
Voorbeeld:
(verb) heroverwegen, opnieuw overwegen
Voorbeeld:
(noun) wegwijzer, richtingaanwijzer, structuurindicator;
(verb) wegwijzen, structureren
Voorbeeld:
(phrasal verb) samenvatten, opsommen
Voorbeeld:
(adjective) ideologisch
Voorbeeld:
(adjective) irrelevant, onbelangrijk
Voorbeeld:
(adjective) geneigd, bereid, hellend
Voorbeeld:
(adjective) onbuigzaam, star, stijf
Voorbeeld:
(adjective) vergist, fout;
(verb) verwarren, vergissen
Voorbeeld:
(adjective) matig, gemiddeld, gematigd;
(verb) matigen, temperen, modereren
Voorbeeld:
(adjective) gereserveerd, terughoudend, besproken
Voorbeeld:
(adjective) onuitgesproken, impliciet
Voorbeeld:
(adjective) vocaal, stem-, uitgesproken;
(noun) vocaal, zang
Voorbeeld:
(conjunction) gezien, aangezien
Voorbeeld:
(exclamation) geen grap, echt waar
Voorbeeld:
(idiom) echt waar, eerlijk gezegd
Voorbeeld:
(phrase) dat gezegd hebbende, desondanks
Voorbeeld:
(phrase) integendeel, als er al iets is
Voorbeeld:
(adverb) helemaal niet, überhaupt
Voorbeeld:
(phrase) dat gezegd hebbende, desondanks
Voorbeeld:
(phrase) buiten kijf, zeker
Voorbeeld:
(noun) vijandigheid, hostiliteit, vijandelijkheden
Voorbeeld:
(noun) mainstream, hoofdstroom;
(adjective) mainstream, gangbaar;
(verb) mainstreamen, integreren
Voorbeeld:
(noun) objectiviteit
Voorbeeld:
(noun) subjectiviteit
Voorbeeld:
(noun) premissie, uitgangspunt, pand;
(verb) baseren op, uitgaan van
Voorbeeld:
(noun) redenering, argumentatie
Voorbeeld:
(verb) zeggen, uitspreken, betekenen;
(noun) zegje, inspraak
Voorbeeld:
(idiom) tweede gedachten krijgen, van gedachten veranderen
Voorbeeld:
(noun) stem, inspraak;
(verb) uiten, uitspreken
Voorbeeld:
(noun) solidariteit, eenheid
Voorbeeld: