Betekenis van het woord "to take" in het Nederlands
Wat betekent "to take" in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland
to take
US /teɪk/
UK /teɪk/
Werkwoord
1.
nemen, pakken
reach for and hold (something) with one's hands; pick up
Voorbeeld:
•
She decided to take the book from the shelf.
Ze besloot het boek van de plank te pakken.
•
Can you take this box to the other room?
Kun je deze doos naar de andere kamer brengen?
2.
brengen, vervoeren
carry or transport to a specified place
Voorbeeld:
•
The bus will take you to the city center.
De bus zal je naar het stadscentrum brengen.
•
I'll take the kids to school tomorrow.
Ik zal de kinderen morgen naar school brengen.
3.
aannemen, ontvangen
receive (something offered or given)
Voorbeeld:
•
I'll take that offer.
Ik zal dat aanbod aannemen.
•
Did you take the money I left for you?
Heb je het geld genomen dat ik voor je had achtergelaten?
4.
innemen, drinken
consume (food or drink)
Voorbeeld:
•
I need to take my medicine.
Ik moet mijn medicijnen innemen.
•
Let's take a coffee break.
Laten we een koffiepauze nemen.
5.
duren, innemen
occupy (a period of time or a space)
Voorbeeld:
•
The meeting will take an hour.
De vergadering zal een uur duren.
•
This sofa will take up too much space.
Deze bank zal te veel ruimte innemen.
6.
verwijderen, afbreken
remove (something) from a place
Voorbeeld:
•
Please take your shoes off.
Gelieve uw schoenen uit te doen.
•
They decided to take down the old building.
Ze besloten het oude gebouw af te breken.