Avatar of Vocabulary Set Poorten en Hekken

Vocabulaireverzameling Poorten en Hekken in Architectuur en Constructie: Volledige en gedetailleerde lijst

De vocabulaireverzameling 'Poorten en Hekken' in 'Architectuur en Constructie' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...

Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland

Nu leren

doorway

/ˈdɔːr.weɪ/

(noun) deuropening, drempel

Voorbeeld:

She stood in the doorway, watching the rain.
Ze stond in de deuropening, kijkend naar de regen.

entrance

/ˈen.trəns/

(noun) ingang, toegang, entree;

(verb) betoveren, fascineren

Voorbeeld:

The main entrance to the building is on the north side.
De hoofdingang van het gebouw bevindt zich aan de noordzijde.

exit

/ˈek.sɪt/

(noun) uitgang, uitrit, vertrek;

(verb) verlaten, uitgaan

Voorbeeld:

Please use the nearest exit in case of emergency.
Gebruik alstublieft de dichtstbijzijnde uitgang in geval van nood.

gate

/ɡeɪt/

(noun) hek, poort, gate;

(verb) gaten, regelen

Voorbeeld:

Please close the gate behind you.
Sluit alstublieft het hek achter u.

gateway

/ˈɡeɪt.weɪ/

(noun) poort, toegang, toegangspoort

Voorbeeld:

The old stone gateway led to a beautiful garden.
De oude stenen poort leidde naar een prachtige tuin.

gatepost

/ˈɡeɪtpoʊst/

(noun) poortpaal, hekpaal

Voorbeeld:

The old wooden gatepost was leaning to one side.
De oude houten poortpaal leunde naar één kant.

hall

/hɑːl/

(noun) hal, gang, zaal

Voorbeeld:

She waited for him in the hall.
Ze wachtte op hem in de hal.

lychgate

/ˈlɪtʃ.ɡeɪt/

(noun) lijkpoort, kerkhofpoort

Voorbeeld:

The funeral procession paused at the ancient lychgate.
De begrafenisstoet pauzeerde bij de oude lijkpoort.

corridor

/ˈkɔːr.ə.dɚ/

(noun) gang, corridor, strook

Voorbeeld:

Walk down the corridor and turn left at the end.
Loop de gang af en sla aan het einde linksaf.

passageway

/ˈpæs.ɪdʒ.weɪ/

(noun) doorgang, gang

Voorbeeld:

The secret passageway led to an old, hidden chamber.
De geheime doorgang leidde naar een oude, verborgen kamer.

emergency exit

/ɪˈmɜːr.dʒən.si ˈek.sɪt/

(noun) nooduitgang

Voorbeeld:

In case of fire, please use the nearest emergency exit.
In geval van brand, gebruik alstublieft de dichtstbijzijnde nooduitgang.

barbed wire

/ˌbɑːrbd ˈwaɪər/

(noun) prikkeldraad

Voorbeeld:

The farmer put up barbed wire around his property to keep intruders out.
De boer zette prikkeldraad rond zijn eigendom om indringers buiten te houden.

barrier

/ˈber.i.ɚ/

(noun) barrière, afscheiding, belemmering

Voorbeeld:

The police set up a barrier to control the crowd.
De politie zette een barrière op om de menigte te beheersen.

boundary

/ˈbaʊn.dər.i/

(noun) grens, scheidingslijn, beperking

Voorbeeld:

The river forms the natural boundary between the two countries.
De rivier vormt de natuurlijke grens tussen de twee landen.

chain-link fence

/ˈtʃeɪn.lɪŋk ˌfens/

(noun) gaashek, kettinglink hek

Voorbeeld:

The backyard was enclosed by a tall chain-link fence.
De achtertuin was omheind met een hoog gaashek.

chicken wire

/ˈtʃɪk.ɪn ˌwaɪər/

(noun) kippengaas

Voorbeeld:

We used chicken wire to build a fence around the garden.
We gebruikten kippengaas om een hek rond de tuin te bouwen.

fence

/fens/

(noun) hek, omheining, heler;

(verb) omheinen, afzetten, schermen

Voorbeeld:

The farmer built a new fence around his pasture.
De boer bouwde een nieuw hek rond zijn weide.

paling

/ˈpeɪ.lɪŋ/

(noun) schutting, palissade;

(verb) verbleken, bleker worden

Voorbeeld:

The old house was surrounded by a broken wooden paling.
Het oude huis was omringd door een kapotte houten schutting.

palisade

/ˈpæl.ə.seɪd/

(noun) palissade, houten omheining;

(verb) palissaderen, omheinen

Voorbeeld:

The fort was protected by a strong palisade.
Het fort werd beschermd door een sterke palissade.

sandbag

/ˈsænd.bæɡ/

(noun) zandzak;

(verb) overvallen, neerslaan, misleiden

Voorbeeld:

They piled sandbags around the house to protect it from the rising floodwaters.
Ze stapelden zandzakken rond het huis om het te beschermen tegen het stijgende vloedwater.

windbreak

/ˈwɪnd.breɪk/

(noun) windscherm, windkering

Voorbeeld:

The farmer planted a row of trees as a windbreak to protect his crops.
De boer plantte een rij bomen als windscherm om zijn gewassen te beschermen.

electric fence

/ɪˈlɛktrɪk fɛns/

(noun) elektrische afrastering, schrikdraad

Voorbeeld:

The farmer installed an electric fence to keep the cattle in.
De boer installeerde een elektrische afrastering om het vee binnen te houden.

driveway

/ˈdraɪv.weɪ/

(noun) oprit

Voorbeeld:

He parked his car in the driveway.
Hij parkeerde zijn auto op de oprit.

walkway

/ˈwɑː.kweɪ/

(noun) loopbrug, voetpad

Voorbeeld:

The scenic walkway offered beautiful views of the river.
De schilderachtige loopbrug bood prachtige uitzichten op de rivier.
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland