Avatar of Vocabulary Set Kolommen

Vocabulaireverzameling Kolommen in Architectuur en Constructie: Volledige en gedetailleerde lijst

De vocabulaireverzameling 'Kolommen' in 'Architectuur en Constructie' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...

Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland

Nu leren

abacus

/ˈæb.ə.kəs/

(noun) telraam, abacus

Voorbeeld:

The child learned to add and subtract using an abacus.
Het kind leerde optellen en aftrekken met behulp van een telraam.

atlas

/ˈæt.ləs/

(noun) atlas, kaartenboek, verzameling illustraties

Voorbeeld:

We consulted the atlas to find the shortest route.
We raadpleegden de atlas om de kortste route te vinden.

base

/beɪs/

(noun) basis, voetstuk, grondslag;

(verb) baseren, gronden;

(adjective) laag, gemeen

Voorbeeld:

The statue stood on a marble base.
Het standbeeld stond op een marmeren voetstuk.

neck

/nek/

(noun) nek, hals, kraag;

(verb) zoenen, tongzoenen

Voorbeeld:

She wore a beautiful necklace around her neck.
Ze droeg een prachtige ketting om haar nek.

shaft

/ʃæft/

(noun) schacht, steel, as;

(verb) benadelen, naaien

Voorbeeld:

The arrow's shaft was perfectly straight.
De schacht van de pijl was perfect recht.

torus

/ˈtɔː.rəs/

(noun) torus, ringvorm

Voorbeeld:

The mathematical model represented the magnetic field as a torus.
Het wiskundige model stelde het magnetische veld voor als een torus.

pedestal

/ˈped.ə.stəl/

(noun) voetstuk, sokkel, verheven positie;

(verb) op een voetstuk plaatsen, verheerlijken

Voorbeeld:

The ancient statue stood proudly on its stone pedestal.
Het oude standbeeld stond trots op zijn stenen voetstuk.

capital

/ˈkæp.ə.t̬əl/

(noun) hoofdstad, kapitaal, vermogen;

(adjective) kapitaal, doodstraf, uitstekend

Voorbeeld:

London is the capital of the United Kingdom.
Londen is de hoofdstad van het Verenigd Koninkrijk.

term

/tɝːm/

(noun) term, uitdrukking, termijn;

(verb) noemen, betitelen

Voorbeeld:

The legal term 'habeas corpus' is often misunderstood.
De juridische term 'habeas corpus' wordt vaak verkeerd begrepen.

pillar

/ˈpɪl.ɚ/

(noun) pilaar, zuil, steunpilaar

Voorbeeld:

The ancient temple was supported by massive stone pillars.
De oude tempel werd ondersteund door massieve stenen pilaren.

plinth

/plɪnθ/

(noun) sokkel, voetstuk, plint

Voorbeeld:

The ancient statue stood proudly on its stone plinth.
Het oude standbeeld stond trots op zijn stenen sokkel.

colonnade

/ˌkɑː.ləˈneɪd/

(noun) zuilengalerij, kolonnade

Voorbeeld:

The ancient temple was surrounded by a magnificent colonnade.
De oude tempel was omringd door een prachtige zuilengalerij.

flute

/fluːt/

(noun) fluit, champagnefluit, fluitglas;

(verb) fluiten, een fluitgeluid maken

Voorbeeld:

She played a beautiful melody on her wooden flute.
Ze speelde een prachtige melodie op haar houten fluit.

cap

/kæp/

(noun) pet, muts, dop;

(verb) dichten, afsluiten, maximeren

Voorbeeld:

He wore a baseball cap to the game.
Hij droeg een baseballpet naar de wedstrijd.

pier

/pɪr/

(noun) pier, aanlegsteiger, pijler

Voorbeeld:

We walked along the pier, enjoying the sea breeze.
We liepen langs de pier, genietend van de zeebries.
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland