Avatar of Vocabulary Set Basis 1

Vocabulaireverzameling Basis 1 in Dag 27 - Vrienden en aandelen: Volledige en gedetailleerde lijst

De vocabulaireverzameling 'Basis 1' in 'Dag 27 - Vrienden en aandelen' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...

Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland

Nu leren

investment

/ɪnˈvest.mənt/

(noun) investering, belegging, waardevolle aankoop

Voorbeeld:

His investment in the stock market paid off handsomely.
Zijn investering in de aandelenmarkt heeft zich ruimschoots uitbetaald.

lucrative

/ˈluː.krə.t̬ɪv/

(adjective) lucratief, winstgevend

Voorbeeld:

The business proved to be very lucrative.
De zaak bleek zeer lucratief te zijn.

inherently

/ɪnˈhɪr.ənt.li/

(adverb) intrinsiek, van nature

Voorbeeld:

Firefighting is an inherently dangerous job.
Brandbestrijding is een intrinsiek gevaarlijke baan.

secure

/səˈkjʊr/

(adjective) stevig, veilig, vast;

(verb) bevestigen, vastzetten, verzekeren

Voorbeeld:

Make sure the ladder is secure before you climb it.
Zorg ervoor dat de ladder stevig staat voordat je erop klimt.

foreseeable

/fɔːrˈsiː.ə.bəl/

(adjective) voorzienbaar, voorspelbaar

Voorbeeld:

There are no foreseeable problems with the plan.
Er zijn geen voorzienbare problemen met het plan.

innate

/ɪˈneɪt/

(adjective) aangeboren, natuurlijk

Voorbeeld:

She has an innate ability to connect with people.
Ze heeft een aangeboren vermogen om contact te maken met mensen.

property

/ˈprɑː.pɚ.t̬i/

(noun) eigendom, bezit, pand

Voorbeeld:

The house is my personal property.
Het huis is mijn persoonlijke eigendom.

on behalf of

/ɑːn bɪˈhæf ɑːv/

(phrase) namens, ten behoeve van, voor

Voorbeeld:

She accepted the award on behalf of her team.
Ze nam de prijs namens haar team in ontvangst.

lease

/liːs/

(noun) huurovereenkomst, pacht;

(verb) verhuren, leasen

Voorbeeld:

We signed a three-year lease for the apartment.
We tekenden een driejarige huurovereenkomst voor het appartement.

sponsor

/ˈspɑːn.sɚ/

(noun) sponsor, geldschieter, indiener;

(verb) sponsoren, financieren, ondersteunen

Voorbeeld:

The company is a major sponsor of the local charity run.
Het bedrijf is een belangrijke sponsor van de lokale liefdadigheidsloop.

propose

/prəˈpoʊz/

(verb) voorstellen, opperen, ten huwelijk vragen

Voorbeeld:

He proposed a new strategy for the company.
Hij stelde een nieuwe strategie voor het bedrijf voor.

support

/səˈpɔːrt/

(verb) ondersteunen, steunen, onderhouden;

(noun) ondersteuning, steun, draagvlak

Voorbeeld:

She works hard to support her family.
Ze werkt hard om haar gezin te onderhouden.

distribution

/ˌdɪs.trɪˈbjuː.ʃən/

(noun) distributie, verdeling, spreiding

Voorbeeld:

The distribution of food to the needy was organized by volunteers.
De distributie van voedsel aan de behoeftigen werd georganiseerd door vrijwilligers.

consider

/kənˈsɪd.ɚ/

(verb) overwegen, in overweging nemen, beschouwen

Voorbeeld:

You should consider all the options before deciding.
Je moet alle opties overwegen voordat je een beslissing neemt.

nearly

/ˈnɪr.li/

(adverb) bijna, nagenoeg, op een haar na

Voorbeeld:

It's nearly midnight.
Het is bijna middernacht.

consent

/kənˈsent/

(noun) toestemming, instemming;

(verb) instemmen, toestemmen

Voorbeeld:

The patient gave her consent for the surgery.
De patiënt gaf haar toestemming voor de operatie.

gratitude

/ˈɡræt̬.ə.tuːd/

(noun) dankbaarheid

Voorbeeld:

She expressed her deep gratitude for their support.
Ze sprak haar diepe dankbaarheid uit voor hun steun.

consult

/kənˈsʌlt/

(verb) raadplegen, consulteren, overleggen

Voorbeeld:

You should consult a doctor about your symptoms.
Je moet een dokter raadplegen over je symptomen.

advice

/ədˈvaɪs/

(noun) advies, raad

Voorbeeld:

Can I offer you some advice?
Mag ik u wat advies geven?

partially

/ˈpɑːr.ʃəl.i/

(adverb) gedeeltelijk, ten dele

Voorbeeld:

The road was partially blocked by a fallen tree.
De weg was gedeeltelijk geblokkeerd door een omgevallen boom.

evident

/ˈev.ə.dənt/

(adjective) duidelijk, evident, klaarblijkelijk

Voorbeeld:

It was evident that she was upset.
Het was duidelijk dat ze van streek was.

reliability

/rɪˌlaɪ.əˈbɪl.ə.t̬i/

(noun) betrouwbaarheid

Voorbeeld:

The reliability of the new system is excellent.
De betrouwbaarheid van het nieuwe systeem is uitstekend.

cautious

/ˈkɑː.ʃəs/

(adjective) voorzichtig, bedachtzaam

Voorbeeld:

He was cautious about investing all his savings in one stock.
Hij was voorzichtig met het investeren van al zijn spaargeld in één aandeel.

insight

/ˈɪn.saɪt/

(noun) inzicht, begrip

Voorbeeld:

The book provides valuable insight into human behavior.
Het boek biedt waardevolle inzicht in menselijk gedrag.

portfolio

/ˌpɔːrtˈfoʊ.li.oʊ/

(noun) portfolio, map, beleggingsportefeuille

Voorbeeld:

She carried her artwork in a large portfolio.
Ze droeg haar kunstwerken in een grote portfolio.

possible

/ˈpɑː.sə.bəl/

(adjective) mogelijk, haalbaar, potentieel

Voorbeeld:

It is possible to finish the project by Friday.
Het is mogelijk om het project voor vrijdag af te ronden.

speculation

/ˌspek.jəˈleɪ.ʃən/

(noun) speculatie, vermoeden, risicovolle belegging

Voorbeeld:

His disappearance has led to much speculation.
Zijn verdwijning heeft geleid tot veel speculatie.

solely

/ˈsoʊl.li/

(adverb) alleen, uitsluitend

Voorbeeld:

He is solely responsible for the error.
Hij is alleen verantwoordelijk voor de fout.

entrepreneur

/ˌɑːn.trə.prəˈnɝː/

(noun) ondernemer

Voorbeeld:

The young entrepreneur launched her startup with innovative ideas.
De jonge ondernemer lanceerde haar startup met innovatieve ideeën.

eventually

/ɪˈven.tʃu.ə.li/

(adverb) uiteindelijk, tenslotte

Voorbeeld:

After years of hard work, she eventually achieved her dream.
Na jaren van hard werken bereikte ze uiteindelijk haar droom.

shareholder

/ˈʃerˌhoʊl.dɚ/

(noun) aandeelhouder

Voorbeeld:

The company's annual meeting is open to all shareholders.
De jaarlijkse vergadering van het bedrijf is open voor alle aandeelhouders.

outlook

/ˈaʊt.lʊk/

(noun) levenshouding, gezichtspunt, perspectief;

(trademark) Outlook, Microsoft Outlook

Voorbeeld:

She has a positive outlook on life.
Ze heeft een positieve levenshouding.

stability

/stəˈbɪl.ə.t̬i/

(noun) stabiliteit, vastheid, evenwicht

Voorbeeld:

The country is seeking economic stability.
Het land streeft naar economische stabiliteit.

bond

/bɑːnd/

(noun) band, verbinding, obligatie;

(verb) binden, hechten, een band opbouwen

Voorbeeld:

The prisoner was held by a strong bond.
De gevangene werd vastgehouden door een sterke band.

depreciation

/dɪˌpriː.ʃiˈeɪ.ʃən/

(noun) waardevermindering, afschrijving, valutadepreciatie

Voorbeeld:

The car's value suffered significant depreciation over the first three years.
De waarde van de auto onderging aanzienlijke waardevermindering gedurende de eerste drie jaar.

increasing

/ɪnˈkriːsɪŋ/

(adjective) toenemend, groeiend;

(adverb) steeds, meer en meer

Voorbeeld:

There is an increasing demand for organic food.
Er is een toenemende vraag naar biologisch voedsel.

prevalent

/ˈprev.əl.ənt/

(adjective) wijdverspreid, gangbaar, heersend

Voorbeeld:

The disease is more prevalent among young children.
De ziekte is meer wijdverspreid onder jonge kinderen.

rapid

/ˈræp.ɪd/

(adjective) snel, rap

Voorbeeld:

The company experienced rapid growth in the last quarter.
Het bedrijf kende een snelle groei in het laatste kwartaal.

unprecedented

/ʌnˈpres.ə.den.t̬ɪd/

(adjective) ongekend, nooit eerder vertoond

Voorbeeld:

The company achieved unprecedented growth last quarter.
Het bedrijf behaalde het afgelopen kwartaal een ongekende groei.

yield

/jiːld/

(verb) opleveren, produceren, opbrengen;

(noun) opbrengst, productie, rendement

Voorbeeld:

The apple trees yielded a bountiful harvest this year.
De appelbomen leverden dit jaar een overvloedige oogst op.
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland