Vocabulaireverzameling Onderwijs in Geavanceerde woordenschat voor TOEFL: Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling 'Onderwijs' in 'Geavanceerde woordenschat voor TOEFL' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren(noun) gemiddeld cijfer, GPA
Voorbeeld:
(noun) Algemeen Gelijkwaardigheidsdiploma, GED
Voorbeeld:
(noun) Bachelor of Arts
Voorbeeld:
(noun) Bachelor of Science
Voorbeeld:
(noun) alumna, oud-studente
Voorbeeld:
(noun) alumnus, oud-student
Voorbeeld:
(noun) alma mater, oude school
Voorbeeld:
(adverb) cum laude, met lof
Voorbeeld:
(noun) eerstejaars, brugklasser
Voorbeeld:
(noun) uitvaller, afhaker
Voorbeeld:
(noun) blended learning, gemengd leren
Voorbeeld:
(noun) community college, regionale hogeschool
Voorbeeld:
(noun) gemengd onderwijs, co-educatie
Voorbeeld:
(noun) permanente educatie, voortgezet onderwijs
Voorbeeld:
(noun) speciaal onderwijs
Voorbeeld:
(adjective) universitair, college-, studentikoos
Voorbeeld:
(noun) academie, instituut, genootschap
Voorbeeld:
(noun) afwezige, absent;
(adjective) afwezig, absent
Voorbeeld:
(noun) colloquium, academische conferentie
Voorbeeld:
(noun) serre, wintertuin, conservatorium
Voorbeeld:
(adjective) curriculair, leerplan-
Voorbeeld:
(adjective) buitenschools, extracurriculair
Voorbeeld:
(noun) krediet, credit, tegoed;
(verb) crediteren, bijschrijven, toeschrijven
Voorbeeld:
(noun) bewaarder, custodian, conciërge
Voorbeeld:
(noun) decaan, oudste lid
Voorbeeld:
(noun) faculteit, docenten, vermogen
Voorbeeld:
(noun) stoel, voorzitter, leider;
(verb) voorzitten, leiden
Voorbeeld:
(noun) hoogleraar, gewoon hoogleraar
Voorbeeld:
(noun) studieadviseur, loopbaanbegeleider
Voorbeeld:
(noun) geleerde, wetenschapper, beursstudent
Voorbeeld:
(noun) detentie, hechtenis, nablijven
Voorbeeld:
(verb) opschorten, schorsen, ophangen
Voorbeeld:
(noun) uitzetting, verbanning, uitstoting
Voorbeeld:
(verb) inschrijven, aanmelden, opnemen
Voorbeeld:
(noun) verlenging, uitbreiding, aanbouw
Voorbeeld:
(noun) broederschap, genootschap, studentenvereniging
Voorbeeld:
(noun) inschrijving, aanmelding
Voorbeeld:
(noun) vrouwenstudentenvereniging, sororiteit
Voorbeeld:
(abbreviation) SAT-test
Voorbeeld: