Avatar of Vocabulary Set Grafieken en afbeeldingen

Vocabulaireverzameling Grafieken en afbeeldingen in IELTS Academische Woordenschat (Band 5): Volledige en gedetailleerde lijst

De vocabulaireverzameling 'Grafieken en afbeeldingen' in 'IELTS Academische Woordenschat (Band 5)' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...

Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland

Nu leren

graph

/ɡræf/

(noun) grafiek, diagram;

(verb) grafisch weergeven, plotten

Voorbeeld:

The report included a graph showing sales trends over the last quarter.
Het rapport bevatte een grafiek die de verkooptrends van het laatste kwartaal liet zien.

chart

/tʃɑːrt/

(noun) grafiek, kaart, zeekaart;

(verb) in kaart brengen, uitzetten, bijhouden

Voorbeeld:

The sales figures are shown on the chart.
De verkoopcijfers worden weergegeven op de grafiek.

diagram

/ˈdaɪ.ə.ɡræm/

(noun) diagram, schema, tekening;

(verb) diagrammeren, schematiseren

Voorbeeld:

The teacher drew a diagram of the human heart on the board.
De leraar tekende een diagram van het menselijk hart op het bord.

table

/ˈteɪ.bəl/

(noun) tafel, tabel, overzicht;

(verb) uitstellen, opschorten

Voorbeeld:

We gathered around the kitchen table for dinner.
We verzamelden ons rond de keukentafel voor het avondeten.

peak

/piːk/

(noun) piek, hoogtepunt, top;

(verb) pieken, een hoogtepunt bereiken;

(adjective) piek, hoogtepunt

Voorbeeld:

The athlete reached the peak of his career at the age of 28.
De atleet bereikte de piek van zijn carrière op 28-jarige leeftijd.

column

/ˈkɑː.ləm/

(noun) kolom, zuil, pilaar

Voorbeeld:

The data is organized into three columns.
De gegevens zijn georganiseerd in drie kolommen.

row

/roʊ/

(noun) rij, ruzie, geschil;

(verb) roeien, ruziën, bekvechten

Voorbeeld:

The children sat in a row.
De kinderen zaten op een rij.

bar chart

/ˈbɑːr ˌtʃɑːrt/

(noun) staafdiagram

Voorbeeld:

The sales data was presented in a clear bar chart.
De verkoopgegevens werden gepresenteerd in een duidelijke staafdiagram.

pie chart

/ˈpaɪ ˌtʃɑːrt/

(noun) cirkeldiagram

Voorbeeld:

The report included a pie chart showing the distribution of expenses.
Het rapport bevatte een cirkeldiagram dat de verdeling van de uitgaven toonde.

line graph

/ˈlaɪn ˌɡræf/

(noun) lijngrafiek

Voorbeeld:

The sales data was presented using a line graph to show trends over the last quarter.
De verkoopgegevens werden gepresenteerd met behulp van een lijngrafiek om trends van het afgelopen kwartaal te tonen.

z-axis

/ˈziːˌæk.sɪs/

(noun) z-as

Voorbeeld:

In this 3D model, the z-axis represents the height of the building.
In dit 3D-model vertegenwoordigt de z-as de hoogte van het gebouw.

y-axis

/ˈwaɪˌæk.sɪs/

(noun) y-as

Voorbeeld:

The height of the bars is measured along the y-axis.
De hoogte van de balken wordt gemeten langs de y-as.

x-axis

/ˈeksˌæk.sɪs/

(noun) x-as

Voorbeeld:

The time is plotted along the x-axis of the graph.
De tijd is uitgezet langs de x-as van de grafiek.
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland