Avatar of Vocabulary Set Bespreken, Overtuigen of Zoeken (Around)

Vocabulaireverzameling Bespreken, Overtuigen of Zoeken (Around) in Phrasal Verbs met 'Around', 'Over' & 'Along': Volledige en gedetailleerde lijst

De vocabulaireverzameling 'Bespreken, Overtuigen of Zoeken (Around)' in 'Phrasal Verbs met 'Around', 'Over' & 'Along'' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...

Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland

Nu leren

ask around

/æsk əˈraʊnd/

(phrasal verb) rondvragen, informeren

Voorbeeld:

I don't know the answer, but I can ask around.
Ik weet het antwoord niet, maar ik kan rondvragen.

bat around

/bæt əˈraʊnd/

(phrasal verb) rondgooien, informeel bespreken

Voorbeeld:

Let's bat around some ideas for the new project.
Laten we wat ideeën voor het nieuwe project rondgooien.

bring around

/brɪŋ əˈraʊnd/

(phrasal verb) overhalen, overtuigen, bijbrengen

Voorbeeld:

It took a lot of convincing, but I finally brought him around to my point of view.
Het kostte veel overtuiging, maar ik heb hem uiteindelijk overgehaald tot mijn standpunt.

call around

/kɔːl əˈraʊnd/

(phrasal verb) rondbellen, meerdere mensen bellen

Voorbeeld:

I need to call around to a few different stores to find this item.
Ik moet rondbellen naar een paar verschillende winkels om dit artikel te vinden.

come around

/kʌm əˈraʊnd/

(phrasal verb) langskomen, op bezoek komen, bijkomen

Voorbeeld:

Why don't you come around for dinner tonight?
Waarom kom je vanavond niet langs voor het avondeten?

get around

/ɡet əˈraʊnd/

(phrasal verb) zich verplaatsen, rondkomen, omzeilen

Voorbeeld:

It's easy to get around the city by public transport.
Het is gemakkelijk om je te verplaatsen in de stad met het openbaar vervoer.

kick around

/kɪk əˈraʊnd/

(phrasal verb) slecht behandelen, mishandelen, bespreken

Voorbeeld:

He felt like his boss was always kicking him around.
Hij had het gevoel dat zijn baas hem altijd slecht behandelde.

nose around

/noʊz əˈraʊnd/

(phrasal verb) rondsnuffelen, snuffelen

Voorbeeld:

He likes to nose around in other people's business.
Hij snuffelt graag rond in andermans zaken.

shop around

/ʃɑːp əˈraʊnd/

(phrasal verb) rondkijken, prijzen vergelijken

Voorbeeld:

It's always a good idea to shop around before buying a new car.
Het is altijd een goed idee om rond te kijken voordat je een nieuwe auto koopt.

talk around

/tɔːk əˈraʊnd/

(phrasal verb) omheen praten, rond de pot draaien

Voorbeeld:

They spent the whole meeting just talking around the problem instead of finding a solution.
Ze hebben de hele vergadering alleen maar om het probleem heen gepraat in plaats van een oplossing te vinden.
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland