Avatar of Vocabulary Set B1 - Letter H

Vocabulaireverzameling B1 - Letter H in Oxford 3000 - B1: Volledige en gedetailleerde lijst

De vocabulaireverzameling 'B1 - Letter H' in 'Oxford 3000 - B1' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...

Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland

Nu leren

hand

/hænd/

(noun) hand, handschrift, wijzer;

(verb) overhandigen, aanreiken

Voorbeeld:

She waved her hand to say goodbye.
Ze zwaaide met haar hand om gedag te zeggen.

hang

/hæŋ/

(verb) hangen, ophangen, verhangen;

(noun) val, ophanging

Voorbeeld:

She decided to hang the painting in the living room.
Ze besloot het schilderij in de woonkamer op te hangen.

happiness

/ˈhæp.i.nəs/

(noun) geluk, vreugde

Voorbeeld:

Her face lit up with pure happiness.
Haar gezicht lichtte op van pure geluk.

hardly

/ˈhɑːrd.li/

(adverb) nauwelijks, amper, moeilijk

Voorbeeld:

She could hardly hear him over the noise.
Ze kon hem nauwelijks horen boven het lawaai.

hate

/heɪt/

(verb) haten, afschuw hebben van;

(noun) haat, afkeer

Voorbeeld:

I hate doing laundry.
Ik haat de was doen.

head

/hed/

(noun) hoofd, kop, leider;

(verb) gaan, zich begeven, leiden;

(adjective) hoofd, voorste

Voorbeeld:

She nodded her head in agreement.
Ze knikte haar hoofd instemmend.

headline

/ˈhed.laɪn/

(noun) kop, hoofding;

(verb) headlinen, de hoofdact zijn

Voorbeeld:

The shocking news was on the headline of every newspaper.
Het schokkende nieuws stond op de kop van elke krant.

heating

/ˈhiː.t̬ɪŋ/

(noun) verwarming;

(verb) verwarmen, opwarmen

Voorbeeld:

The central heating system needs to be repaired.
Het centrale verwarmingssysteem moet gerepareerd worden.

heavily

/ˈhev.əl.i/

(adverb) hevig, sterk, zwaar

Voorbeeld:

It was raining heavily all night.
Het regende de hele nacht hevig.

helicopter

/ˈhel.əˌkɑːp.tɚ/

(noun) helikopter;

(verb) helikopteren, met de helikopter vliegen

Voorbeeld:

The helicopter landed on the helipad.
De helikopter landde op de helikopterplatform.

highlight

/ˈhaɪ.laɪt/

(verb) benadrukken, markeren, accentueren;

(noun) hoogtepunt, topmoment

Voorbeeld:

The report highlights the need for better education.
Het rapport benadrukt de noodzaak van beter onderwijs.

highly

/ˈhaɪ.li/

(adverb) zeer, erg, hoog

Voorbeeld:

She is a highly respected scientist.
Ze is een zeer gerespecteerde wetenschapper.

hire

/haɪr/

(verb) aannemen, inhuren, huren;

(noun) aanwerving, huur

Voorbeeld:

The company decided to hire a new marketing manager.
Het bedrijf besloot een nieuwe marketingmanager aan te nemen.

historic

/hɪˈstɔːr.ɪk/

(adjective) historisch, geschiedkundig

Voorbeeld:

The signing of the Declaration of Independence was a historic event.
Het ondertekenen van de Onafhankelijkheidsverklaring was een historische gebeurtenis.

historical

/hɪˈstɔːr.ɪ.kəl/

(adjective) historisch, uit het verleden

Voorbeeld:

The museum has many historical artifacts.
Het museum heeft veel historische artefacten.

honest

/ˈɑː.nɪst/

(adjective) eerlijk, oprecht, rechtmatig

Voorbeeld:

He gave an honest answer to the question.
Hij gaf een eerlijk antwoord op de vraag.

horrible

/ˈhɔːr.ə.bəl/

(adjective) verschrikkelijk, afschuwelijk, onaangenaam

Voorbeeld:

The accident was a horrible sight.
Het ongeluk was een verschrikkelijk gezicht.

horror

/ˈhɔːr.ɚ/

(noun) afschuw, schrik, walging

Voorbeeld:

She screamed in horror as the monster appeared.
Ze schreeuwde van afschuw toen het monster verscheen.

host

/hoʊst/

(noun) gastheer, gastvrouw, menigte;

(verb) hosten, organiseren, onderbrengen

Voorbeeld:

Our host greeted us warmly at the door.
Onze gastheer begroette ons hartelijk bij de deur.

hunt

/hʌnt/

(verb) jagen, jacht maken op, zoeken;

(noun) jacht, speurtocht

Voorbeeld:

They went out to hunt deer in the forest.
Ze gingen het bos in om herten te jagen.

hurricane

/ˈhɝː.ɪ.keɪn/

(noun) orkaan

Voorbeeld:

The hurricane caused widespread destruction along the coast.
De orkaan veroorzaakte wijdverspreide verwoesting langs de kust.

hurry

/ˈhɝː.i/

(verb) opschieten, zich haasten, bespoedigen;

(noun) haast, spoed

Voorbeeld:

We need to hurry if we want to catch the train.
We moeten opschieten als we de trein willen halen.
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland