Avatar of Vocabulary Set Top 226 - 250 Adverbs

Vocabulaireverzameling Top 226 - 250 Adverbs in 500 meest voorkomende Engelse bijwoorden: Volledige en gedetailleerde lijst

De vocabulaireverzameling 'Top 226 - 250 Adverbs' in '500 meest voorkomende Engelse bijwoorden' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...

Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland

Nu leren

safely

/ˈseɪf.li/

(adverb) veilig, beveiligd

Voorbeeld:

Please drive safely.
Rijd alstublieft veilig.

surely

/ˈʃʊr.li/

(adverb) vast, zeker, ongetwijfeld

Voorbeeld:

You're not leaving already, are you? It's surely too early.
Je gaat toch niet nu al weg? Het is vast te vroeg.

badly

/ˈbæd.li/

(adverb) ernstig, slecht, onvoldoende

Voorbeeld:

He was badly injured in the accident.
Hij raakte ernstig gewond bij het ongeluk.

overnight

/ˌoʊ.vɚˈnaɪt/

(adverb) overnacht, gedurende de nacht, plotseling;

(adjective) nachtelijk, overnacht

Voorbeeld:

We stayed overnight at a hotel.
We bleven overnachten in een hotel.

nicely

/ˈnaɪs.li/

(adverb) mooi, aangenaam, vriendelijk

Voorbeeld:

The room was decorated very nicely.
De kamer was erg mooi ingericht.

briefly

/ˈbriːf.li/

(adverb) kort, even, bondig

Voorbeeld:

She paused briefly before continuing her speech.
Ze pauzeerde kort voordat ze haar toespraak voortzette.

accidentally

/ˌæk.səˈden.t̬əl.i/

(adverb) per ongeluk, toevallig

Voorbeeld:

I accidentally deleted the file.
Ik heb het bestand per ongeluk verwijderd.

no doubt

/noʊ daʊt/

(adverb) ongetwijfeld, zonder twijfel

Voorbeeld:

He will no doubt succeed in his new venture.
Hij zal ongetwijfeld slagen in zijn nieuwe onderneming.

supposedly

/səˈpoʊ.zɪd.li/

(adverb) naar verluidt, vermoedelijk, zogenaamd

Voorbeeld:

The new restaurant is supposedly very good.
Het nieuwe restaurant is naar verluidt erg goed.

merely

/ˈmɪr.li/

(adverb) slechts, enkel

Voorbeeld:

It was merely a suggestion, not a command.
Het was slechts een suggestie, geen bevel.

partly

/ˈpɑːrt.li/

(adverb) gedeeltelijk, deels

Voorbeeld:

The success of the project was partly due to his efforts.
Het succes van het project was gedeeltelijk te danken aan zijn inspanningen.

gradually

/ˈɡrædʒ.u.ə.li/

(adverb) geleidelijk, langzamerhand

Voorbeeld:

The weather gradually improved over the week.
Het weer verbeterde geleidelijk gedurende de week.

virtually

/ˈvɝː.tʃu.ə.li/

(adverb) vrijwel, nagenoeg, virtueel

Voorbeeld:

Virtually all the students passed the exam.
Vrijwel alle studenten slaagden voor het examen.

aside

/əˈsaɪd/

(adverb) opzij, terzijde, apart;

(noun) terzijde, aparté

Voorbeeld:

He stepped aside to let her pass.
Hij stapte opzij om haar te laten passeren.

widely

/ˈwaɪd.li/

(adverb) breed, wijdverbreid, wijd

Voorbeeld:

The new policy was widely accepted.
Het nieuwe beleid werd breed geaccepteerd.

similarly

/ˈsɪm.ə.lɚ.li/

(adverb) op vergelijkbare wijze, evenzo, eveneens

Voorbeeld:

The two cases were handled similarly.
De twee gevallen werden op vergelijkbare wijze behandeld.

elsewhere

/ˈels.wer/

(adverb) elders, ergens anders

Voorbeeld:

Maybe we should look elsewhere for a solution.
Misschien moeten we elders naar een oplossing zoeken.

loud

/laʊd/

(adjective) luid, hard, opzichtig;

(adverb) luid, hard

Voorbeeld:

The music was too loud.
De muziek was te hard.

south

/saʊθ/

(noun) zuiden;

(adjective) zuidelijk;

(adverb) zuidwaarts

Voorbeeld:

The birds fly south for the winter.
De vogels vliegen naar het zuiden voor de winter.

approximately

/əˈprɑːk.sə.mət.li/

(adverb) ongeveer, circa

Voorbeeld:

The journey will take approximately three hours.
De reis zal ongeveer drie uur duren.

precisely

/prəˈsaɪs.li/

(adverb) precies, nauwkeurig, juist

Voorbeeld:

The measurements must be precisely accurate.
De metingen moeten precies nauwkeurig zijn.

altogether

/ˌɑːl.təˈɡeð.ɚ/

(adverb) helemaal, volledig, al met al

Voorbeeld:

I don't altogether agree with your assessment.
Ik ben het niet helemaal eens met jouw beoordeling.

quietly

/ˈkwaɪət.li/

(adverb) rustig, zachtjes, kalm

Voorbeeld:

She closed the door quietly so as not to wake the baby.
Ze sloot de deur zachtjes om de baby niet wakker te maken.

dramatically

/drəˈmæt̬.ɪ.kəl.i/

(adverb) drastisch, aanzienlijk, dramatisch

Voorbeeld:

The landscape changed dramatically after the earthquake.
Het landschap veranderde drastisch na de aardbeving.

fortunately

/ˈfɔːr.tʃən.ət.li/

(adverb) gelukkig, fortuinlijk

Voorbeeld:

Fortunately, no one was seriously injured in the accident.
Gelukkig raakte niemand ernstig gewond bij het ongeluk.
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland