Betekenis van het woord "holiday season" in het Nederlands
Wat betekent "holiday season" in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland
holiday season
US /ˈhɑː.lə.deɪ ˌsiː.zən/
UK /ˈhɒl.ɪ.deɪ ˈsiː.zən/
Zelfstandig Naamwoord
vakantieseizoen, feestdagenperiode
the period around Christmas and New Year's Day
Voorbeeld:
•
Many people travel during the holiday season.
Veel mensen reizen tijdens het vakantieseizoen.
•
The stores are very busy during the holiday season.
De winkels zijn erg druk tijdens het vakantieseizoen.
Synoniem:
Gerelateerd Woord: