Vocabulaireverzameling Dierenbenodigdheden in Huis en Tuin: Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling 'Dierenbenodigdheden' in 'Huis en Tuin' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren /əˈkwer.i.əm/
(noun) aquarium, vissenkom, zeeaquarium
Voorbeeld:
The children loved watching the colorful fish in the aquarium.
De kinderen vonden het heerlijk om naar de kleurrijke vissen in het aquarium te kijken.
/triːt/
(verb) behandelen, verwerken, traktatie geven;
(noun) traktatie, verwennerij, rondje
Voorbeeld:
She treats everyone with respect.
Ze behandelt iedereen met respect.
/ˈhɑːr.nəs/
(noun) tuig, harnas, gordel;
(verb) aantuigen, inspannen, benutten
Voorbeeld:
The farmer put the harness on the horse before plowing the field.
De boer deed het tuig om het paard voordat hij het veld ploegde.
/ˈlɪt̬.ɚ ˌbɑːks/
(noun) kattenbak
Voorbeeld:
Remember to clean the litter box regularly.
Vergeet niet de kattenbak regelmatig schoon te maken.
/ˈklɪk.ɚ/
(noun) clicker, teller, afstandsbediening
Voorbeeld:
She used a clicker to train her dog.
Ze gebruikte een clicker om haar hond te trainen.
/ˈkæt dɔːr/
(noun) kattenluik
Voorbeeld:
My cat loves using the cat door to go outside.
Mijn kat gebruikt graag het kattenluik om naar buiten te gaan.
/ˈken.əl/
(noun) hondenhok, hondenpension, hondenkennel;
(verb) in een hok plaatsen, naar een hondenpension brengen
Voorbeeld:
The dog slept soundly in its kennel.
De hond sliep diep in zijn hok.
/hʌtʃ/
(noun) hok, konijnenhok, kast
Voorbeeld:
The rabbit was happily hopping around in its new hutch.
Het konijn huppelde vrolijk rond in zijn nieuwe hok.
/liːʃ/
(noun) lijn, hondenriem;
(verb) aanlijnen
Voorbeeld:
He put the leash on his dog before going for a walk.
Hij deed de lijn om zijn hond voordat hij ging wandelen.
/ˈkɑː.lɚ/
(noun) kraag, halsband;
(verb) arresteren, pakken
Voorbeeld:
He adjusted the collar of his shirt.
Hij verstelde de kraag van zijn overhemd.