Vocabulaireverzameling Zekerheid 3 in Zekerheid en Twijfel: Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling 'Zekerheid 3' in 'Zekerheid en Twijfel' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren(adjective) onvermijdelijk, onafwendbaar
Voorbeeld:
(adverb) onvermijdelijk, noodzakelijkerwijs
Voorbeeld:
(verb) weten, kennen, bekend zijn met
Voorbeeld:
(idiom) het stof laten neerdalen, de rust laten terugkeren
Voorbeeld:
(phrase) ervoor zorgen, zeker stellen
Voorbeeld:
(phrase) zeker zijn van, zich vergewissen van
Voorbeeld:
(verb) ervoor zorgen, zorgen dat
Voorbeeld:
(idiom) daar is geen twijfel over mogelijk, zonder enige twijfel
Voorbeeld:
(exclamation) geen sprake van, onmogelijk, echt niet
Voorbeeld:
(adjective) zeker, positief, duidelijk;
(noun) positief, dia
Voorbeeld:
(adjective) robuust, sterk, krachtig
Voorbeeld:
(adverb) robuust, stevig, krachtig
Voorbeeld:
(noun) robuustheid, sterkte, veerkracht
Voorbeeld:
(noun) slam dunk, dunk, makkie;
(verb) makkelijk afmaken, zeker slagen
Voorbeeld:
(adjective) zeker, vaststaand, overtuigd;
(adverb) zeker, inderdaad;
(exclamation) zeker, natuurlijk
Voorbeeld:
(adjective) zeker, onfeilbaar, succesvol
Voorbeeld:
(adverb) vast, zeker, ongetwijfeld
Voorbeeld:
(phrasal verb) zweren bij, geloven sterk in
Voorbeeld:
(adjective) waar, echt, trouw;
(adverb) nauwkeurig, precies
Voorbeeld:
(noun) waarheid, feit
Voorbeeld:
(adjective) onmiskenbaar, onbetwistbaar
Voorbeeld:
(adverb) ongetwijfeld, onmiskenbaar
Voorbeeld:
(phrase) zonder twijfel, ongetwijfeld
Voorbeeld:
(phrase) zeker weten, graag gedaan
Voorbeeld: