Avatar of Vocabulary Set Evenementen

Vocabulaireverzameling Evenementen in TOEIC Essentiële 600 Woorden: Volledige en gedetailleerde lijst

De vocabulaireverzameling 'Evenementen' in 'TOEIC Essentiële 600 Woorden' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...

Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland

Nu leren

assist

/əˈsɪst/

(verb) helpen, assisteren;

(noun) hulp, assistentie

Voorbeeld:

Can I assist you with anything?
Kan ik u ergens mee helpen?

coordinate

/koʊˈɔːr.dən.eɪt/

(verb) coördineren, afstemmen, matchen;

(noun) coördinaat, coördinaten;

(adjective) gelijkwaardig, coördinerend

Voorbeeld:

We need to coordinate our efforts to finish the project on time.
We moeten onze inspanningen coördineren om het project op tijd af te krijgen.

dimension

/ˌdaɪˈmen.ʃən/

(noun) dimensie, afmeting, aspect

Voorbeeld:

The box has three dimensions: length, width, and height.
De doos heeft drie dimensies: lengte, breedte en hoogte.

exact

/ɪɡˈzækt/

(adjective) exact, precies, nauwkeurig;

(verb) eisen, afdwingen, heffen

Voorbeeld:

The exact time of the meeting is 3:00 PM.
De exacte tijd van de vergadering is 15:00 uur.

general

/ˈdʒen.ər.əl/

(adjective) algemeen, wijdverspreid, niet-gespecialiseerd;

(noun) generaal

Voorbeeld:

There is a general feeling of optimism.
Er is een algemeen gevoel van optimisme.

ideally

/aɪˈdiː.ə.li/

(adverb) ideaal, idealiter

Voorbeeld:

Ideally, we should finish this project by Friday.
Idealiter zouden we dit project vrijdag moeten afronden.

lead time

/ˈliːd ˌtaɪm/

(noun) doorlooptijd

Voorbeeld:

The lead time for this product is typically two weeks.
De doorlooptijd voor dit product is doorgaans twee weken.

plan

/plæn/

(noun) plan, ontwerp, plattegrond;

(verb) plannen, organiseren

Voorbeeld:

We need a solid plan to finish this project on time.
We hebben een solide plan nodig om dit project op tijd af te krijgen.

proximity

/prɑːkˈsɪm.ə.t̬i/

(noun) nabijheid, dichtbijheid

Voorbeeld:

The house is valued for its proximity to the beach.
Het huis wordt gewaardeerd om zijn nabijheid tot het strand.

regulate

/ˈreɡ.jə.leɪt/

(verb) regelen, reguleren, beheersen

Voorbeeld:

The thermostat regulates the temperature.
De thermostaat regelt de temperatuur.

site

/saɪt/

(noun) locatie, plaats, terrein;

(verb) plaatsen, situeren, lokaliseren

Voorbeeld:

The construction of the new school is on a large site.
De bouw van de nieuwe school is op een grote locatie.

stage

/steɪdʒ/

(noun) podium, toneel, fase;

(verb) opvoeren, organiseren

Voorbeeld:

The band took the stage to a cheering crowd.
De band betrad het podium voor een juichende menigte.
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland