Vocabulaireverzameling Basis 2 in Dag 13 - De klant is koning: Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling 'Basis 2' in 'Dag 13 - De klant is koning' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren(phrase) een paar, enkele
Voorbeeld:
(noun) atleet, sportman, sportvrouw
Voorbeeld:
(phrasal verb) oproepen tot, vragen om, vereisen
Voorbeeld:
(noun) kar, wagen, winkelwagen;
(verb) vervoeren, dragen
Voorbeeld:
customer service representative
(noun) klantenservicemedewerker, klantendienstmedewerker
Voorbeeld:
(phrase) een telefoontje krijgen
Voorbeeld:
(idiom) opbellen, een belletje geven
Voorbeeld:
(phrase) je haar laten knippen
Voorbeeld:
(phrase) even, heel even
Voorbeeld:
(noun) wasservice, wasserijservice
Voorbeeld:
(phrase) een bericht achterlaten, een boodschap inspreken
Voorbeeld:
(noun) productlogo
Voorbeeld:
(verb) spoelen, afspoelen;
(noun) spoelbeurt, afspoeling
Voorbeeld:
(noun) voicemail, antwoordapparaat;
(verb) voicemailen, een voicemail achterlaten
Voorbeeld:
(phrase) zo snel mogelijk, ASAP
Voorbeeld:
(verb) klagen, zeuren, mopperen
Voorbeeld:
(noun) counselor, raadgever, advocaat
Voorbeeld:
(phrase) gratis, kosteloos
Voorbeeld:
(noun) supermarkt, kruidenierswinkel
Voorbeeld:
(verb) uitnodigen, aantrekken;
(noun) uitnodiging
Voorbeeld:
(adverb) vaak, dikwijls
Voorbeeld:
(noun) optie, keuze, koopoptie
Voorbeeld:
(noun) plezier, genoegen;
(verb) plezieren, behagen
Voorbeeld:
(adjective) zeker, positief, duidelijk;
(noun) positief, dia
Voorbeeld:
(noun) relatie, verband, omgang
Voorbeeld:
(noun) locatie, plaats, terrein;
(verb) plaatsen, situeren, lokaliseren
Voorbeeld:
(adverb) succesvol, met succes
Voorbeeld:
(verb) bezoeken;
(noun) bezoek, huisbezoek
Voorbeeld: