Vocabulaireverzameling Eenheid 12: Een Overbevolkte Wereld in Graad 7: Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling 'Eenheid 12: Een Overbevolkte Wereld' in 'Graad 7' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren(verb) beïnvloeden, aantasten, aandoen
Voorbeeld:
(noun) blok, klomp, gebouw;
(verb) blokkeren, versperren, verhinderen
Voorbeeld:
(verb) valsspelen, bedriegen, vreemdgaan;
(noun) valsspeler, bedrieger
Voorbeeld:
(noun) misdaad, criminaliteit, schande
Voorbeeld:
(noun) crimineel, misdadiger;
(adjective) crimineel, strafrechtelijk
Voorbeeld:
(adjective) divers, verschillend
Voorbeeld:
(noun) sloppenwijk, achterbuurt;
(verb) in een sloppenwijk verblijven, in armoede leven
Voorbeeld:
(adjective) onderontwikkeld, onvolgroeid
Voorbeeld:
(noun) vlooienmarkt
Voorbeeld:
(noun) honger, verlangen, dorst;
(verb) hongeren naar, verlangen naar, honger hebben
Voorbeeld:
(adjective) belangrijk, groot, ernstig;
(noun) majoor, hoofdvak, studierichting;
(verb) specialiseren in, hoofdvak hebben in
Voorbeeld:
(noun) ondervoeding, malnutritie
Voorbeeld:
(noun) megastad
Voorbeeld:
(adjective) overvol, overbevolkt
Voorbeeld:
(noun) armoede, gebrek, schaarste
Voorbeeld:
(noun) hongersnood, voedselschaarste
Voorbeeld:
(noun) explosie, ontploffing, snelle toename
Voorbeeld: