Vocabulaireverzameling Top 326 - 350 Adverbs in 500 meest voorkomende Engelse bijwoorden: Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling 'Top 326 - 350 Adverbs' in '500 meest voorkomende Engelse bijwoorden' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren(adverb) permanent, voorgoed
Voorbeeld:
(adverb) opzettelijk, expres
Voorbeeld:
(adverb) beneden, naar beneden;
(adjective) beneden, onder;
(noun) benedenverdieping
Voorbeeld:
(adverb) wanhopig, desperaat, dringend
Voorbeeld:
(adverb) gelukkig, blij, graag
Voorbeeld:
(adverb) soepel, glad, vlot
Voorbeeld:
(preposition) over, dwars door, aan de overkant van;
(adverb) over, dwars, duidelijk
Voorbeeld:
(adverb) naar verluidt, vermeendelijk
Voorbeeld:
(adverb) efficiënt, doelmatig
Voorbeeld:
(adverb) theoretisch
Voorbeeld:
(adverb) weloverwogen, doelbewust, langzaam
Voorbeeld:
(adverb) voortdurend, ononderbroken
Voorbeeld:
(adverb) voortdurend, herhaaldelijk, onophoudelijk
Voorbeeld:
(adverb) enorm, uitermate
Voorbeeld:
(adverb) geheimzinnig, stiekem
Voorbeeld:
(adverb) expliciet, uitdrukkelijk, duidelijk
Voorbeeld:
(adverb) strikt, streng, uitsluitend
Voorbeeld:
(adverb) apart, afzonderlijk
Voorbeeld:
(adverb) sociaal
Voorbeeld:
(adverb) bovendien, daarbij
Voorbeeld:
(adverb) wereldwijd, globaal
Voorbeeld:
(adverb) stevig, strak, dicht
Voorbeeld:
(adverb) overdreven, te
Voorbeeld:
(phrase) af en toe, nu en dan
Voorbeeld:
(adverb) onvermijdelijk, noodzakelijkerwijs
Voorbeeld: