Vocabulaireverzameling B1 - Het menselijk lichaam in Niveau B1: Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling 'B1 - Het menselijk lichaam' in 'Niveau B1' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren(noun) oksel
Voorbeeld:
(noun) heup;
(adjective) hip, trendy, modern;
(exclamation) hiep
Voorbeeld:
(noun) tempel, slaap
Voorbeeld:
(noun) duim;
(verb) doorbladeren, doorlezen, liften
Voorbeeld:
(noun) teennagel
Voorbeeld:
(noun) vingernagel
Voorbeeld:
(noun) gewricht, verbinding, voeg;
(adjective) gezamenlijk, gemeenschappelijk;
(verb) verbinden, samenvoegen
Voorbeeld:
(noun) rib, ribbetje, ribstuk;
(verb) plagen, spotten
Voorbeeld:
(noun) voetzool, zool, tong;
(adjective) enig, alleen;
(verb) verzolen
Voorbeeld:
(noun) oogbol;
(verb) nauwkeurig bekijken, op het oog meten
Voorbeeld:
(verb) ademen, uiten, fluisteren
Voorbeeld:
(noun) circulatie, doorbloeding, oplage
Voorbeeld:
(noun) zintuig, gevoel, besef;
(verb) voelen, waarnemen
Voorbeeld:
(noun) zicht, gezichtsvermogen, gezicht;
(verb) zien, waarnemen
Voorbeeld:
(noun) gehoor, hoorzitting, verhoor
Voorbeeld:
(verb) aanraken, raken, aangrijpen;
(noun) aanraking, gevoel, vleugje
Voorbeeld:
(noun) reuk, reukvermogen, geur;
(verb) ruiken, besnuffelen, geuren
Voorbeeld:
(noun) taille
Voorbeeld:
(noun) smaak, voorkeur;
(verb) proeven, smaken
Voorbeeld:
(noun) hormoon
Voorbeeld:
(noun) weefsel, zakdoekje, tissue
Voorbeeld:
(noun) zenuw, lef, moed;
(verb) aanmoedigen, sterken
Voorbeeld:
(noun) gebaar, teken;
(verb) gebaren, wijzen
Voorbeeld:
(verb) scheuren, verscheuren, een gat maken;
(noun) traan
Voorbeeld: