Vocabulaireverzameling A2 - Meubels en Huishoudelijke Artikelen in Niveau A2: Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling 'A2 - Meubels en Huishoudelijke Artikelen' in 'Niveau A2' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren(noun) boekenplank, boekenrek
Voorbeeld:
(noun) gordijn, barrière, scherm;
(verb) voorzien van gordijnen, afschermen
Voorbeeld:
(noun) weefsel, zakdoekje, tissue
Voorbeeld:
(noun) servet
Voorbeeld:
(noun) vuilniszak, afvalzak
Voorbeeld:
(noun) deurmat, voetveeg, schoonveger
Voorbeeld:
(noun) afwasmiddel
Voorbeeld:
(noun) tandpasta
Voorbeeld:
(noun) scheermes;
(verb) scheren
Voorbeeld:
(noun) gloeilamp, lamp, eureka-moment
Voorbeeld:
(noun) schakelaar, verandering, overstap;
(verb) omschakelen, wisselen, aan-/uitzetten
Voorbeeld:
(noun) stopcontact, wandcontactdoos, verkooppunt
Voorbeeld:
(noun) blikopener
Voorbeeld:
(noun) flesopener, bieropener
Voorbeeld:
(plural noun) schaar
Voorbeeld:
(noun) douche, douchebeurt, bui;
(verb) douchen, neerregenen, overladen
Voorbeeld:
(noun) toilet, wc
Voorbeeld:
(verb) zinken, dalen, laten zinken;
(noun) gootsteen, wastafel
Voorbeeld:
(noun) badkuip, bad
Voorbeeld:
(noun) spiegel, weerspiegeling;
(verb) spiegelen, weerspiegelen
Voorbeeld:
(noun) sleutel, cruciaal;
(adjective) cruciaal, essentieel
Voorbeeld:
(noun) slot, sluis, lok;
(verb) sluiten, vergrendelen, blokkeren
Voorbeeld:
(noun) brandblusser
Voorbeeld:
(noun) goot, dakgoot, straatgoot;
(verb) druipen, flikkeren
Voorbeeld:
(noun) kussen, buffer, stootkussen;
(verb) verzachten, dempen, opvangen
Voorbeeld: