Vocabulaireverzameling Drinken in Eten, Drinken en Serveren: Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling 'Drinken' in 'Eten, Drinken en Serveren' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren(verb) lessen, stillen, blussen
Voorbeeld:
(verb) opnemen, absorberen, drinken
Voorbeeld:
(noun) drankje, drank, slok;
(verb) drinken, alcohol drinken
Voorbeeld:
(phrasal verb) opdrinken, leegdrinken
Voorbeeld:
(verb) afvoeren, leegpompen, aftappen;
(noun) afvoer, goot, riool
Voorbeeld:
(verb) snel drinken, achteroverslaan, puffen;
(noun) gepuff, getuf
Voorbeeld:
(phrasal verb) drinken op, proosten op
Voorbeeld:
(noun) glug, slok;
(verb) gluggen, slokken
Voorbeeld:
(verb) slikken, opschrokken, een slikbeweging maken;
(noun) slok, hap
Voorbeeld:
(noun) nek, hals, kraag;
(verb) zoenen, tongzoenen
Voorbeeld:
(noun) verpleegkundige, verpleger, verpleegster;
(verb) verplegen, verzorgen, voeden
Voorbeeld:
(verb) drinken, gulzig drinken;
(noun) slok, teug
Voorbeeld:
(verb) nippen, slokken;
(noun) slok, teug
Voorbeeld:
(verb) slurpen;
(noun) slurp
Voorbeeld:
(noun) slok, teug;
(verb) slokken, gulzig drinken
Voorbeeld:
(phrasal verb) wegspoelen, doorspoelen, schoonspuiten
Voorbeeld:
(noun) dorst, verlangen;
(verb) dorsten, verlangen naar, hunkeren naar
Voorbeeld:
(adjective) dorstig, uitgedroogd, verlangend
Voorbeeld: